vrijdag, maart 30, 2007

Van de trein

Afgelopen maandag haastte ik mij om kwart voor 7 naar het perron waar mijn trein zou vertrekken. Ik ben altijd bewust 5 minuten te vroeg, omdat ik steeds hoop op een dubbeldekker. Dubbeldekkers zijn namelijk gezegend met een eenzame stoel boven, helemaal achterin de coupé. Deze eenzame stoel is een uitkomst voor mensen zoals ik die graag een reis lang boekje lezen, slapen of naar buiten kijken, zonder last te hebben van het zweterige been van de buurman, de snotterende loopneus van de snurkstudent of de smakgeluiden van de nette dame met de boterham met pindakaas.
Sinds kort heb ik een concurent op deze stoel. Een man met een snor die bij aankomst het perron scant op zoek naar mij, om zich vervolgens strategisch vóór mij op te stellen, zodat hij een fractie eerder bij de gewenste stoel is. Gevolg is dus dat ik gedwongen geconfronteerd word met datgene wat ik op maandagochtend het liefste uit de weg ga: andere mensen.
Afgelopen maandag greep ik weer mis. Snor was net iets eerder. Ik liet mij niet kennen en zocht een plaatsje in de benedencoupé. De trein begon aan haar route. Wijhe, Olst, Deventer... Op de cadans van de vierkante wielen dommelde ik weg. Zutphen.
"Door een aanrijding tussen Dieren en Arnhem rijdt deze trein niet verder. Reizigers voor de richting Nijmegen, kunnen omreizen via Apeldoorn en Amersfoort."
In gedachten maakte ik de reis die tot mijn schrik zo'n twee uur extra in beslag zou nemen. Ik was al bezig mijn terugreis te plannen en te bedenken wat ik thuis allemaal voor nuttig werk zou kunnen doen en hoeveel tijd ik daarmee zou winnen. Intussen schuifelden mijn treingenoten braaf richting de gereedstaande trein naar Apeldoorn. Ik besloot voor de zekerheid toch nog even een NS-man aan te schieten.
"Hoe lang gaat mijn reis duren als ik via Apeldoorn naar Nijmegen reis?"
De NS-man bevestigde mijn berekening, maar zei toen: "Ik zou er niet aan beginnen. Ik heb zojuist doorgekregen dat deze trein toch door gaat rijden naar Arnhem en Nijmegen."
Ik dacht verder niet na over de wonderlijke manier waarop dit medium zijn informatie had gekregen en liep resoluut naar de achterste coupé van de trein die ik zojuist verlaten had. Gelaten keken de mensen in de trein naar Apeldoorn mij na, een enkeling schudde meewarig zijn hoofd. Ik meende Snor te ontdekken die chagrijnig een bank met een corpulente dame deelde.
Op het moment dat ik voor de treindeur stond, werd er omgeroepen dat onze trein toch zou gaan rijden. Er ontstond een ware stormloop. De trein naar Apeldoorn stroomde leeg. Als een losgeslagen kudde buffels, kwam de mensenmenigte op mij af, Snor voorop. Maar ik had een voorsprong. Ik keek nog even over mijn schouder, stapte rustig de trein in, de trap op en zonk neer op de eenzame stoel. Hij was nog een beetje warm.
Snor heb ik niet meer gezien.

Bulbul feeding session

Dit doe ik dus ongeveer 10 keer per dag (maar het gaat wat sneller zonder camera):




De foto van Mummy (Goth) en van Poth:


donderdag, maart 29, 2007

VAN DE TREIN

MISSEN jullie weleens een trein?
Ik wel. Eigenlijk altijd! Ik ben namelijk altijd zo erg op tijd dat ik nét de voorgaande trein mis, dus moet ik bijna een half uur wachten op de trein die ik eigenlijk wil hebben. En hoe verder ik moet, des te vroeger ben ik al op het station.
Als je toevallig ooit met Toon reist: je haalt altijd de trein die je moet hebben, maar dan zo ontzettend op het nippertje, dat je nog nahijgt als je op de plek van bestemming aankomt. Ik reis meestal met Toon van of naar de opera in A'dam. Hij zal bijvoorbeeld zeggen: "We hebben tijd zat, we kunnen nog met gemak naar het station lopen in plaats van de tram te nemen!" En dat betekent dat je de laatste minuten op je zondagse schoentjes loopt te hollen, tussen de op de stoep geparkeerde auto's, fietsen, winkeluitstallingen, wandelend publiek en bomen door.
Een paar dagen geleden moest ik naar Den Bosch om mijn tweede operales te gaan geven aan de Volksuniversiteit. Ik liep al 5 minuten relaxed over het perron toen ik plotseling besefte dat ik mijn kaartje niet had afgestempeld. Ik had nog 10 minuten, dus even relaxed maakte ik mijn tas open. En vond mijn portemonnee dus niet. Ik rende naar de kaartjesbalie (dat is trap op, halve traverse, trap af, hal door, Wizzle (of zoiets) winkel door en dan in de rij staan achter al die achterlijke dames van 63 die geen kaartje durven halen uit de automaat. Ik had drie losse euro's gevonden in mijn jaszak, maar dat bleek niet genoeg te zijn voor een kaartje zonder korting. Bij hoge uitzondering mocht ik mijn twee tassen achterlaten om harder naar de auto te kunnen rennen, die uiteraard helemaal achteraan op de parkeerplaats stond. Geen portemonnee te zien. Gelukkig wel wat parkeergeld. En dan weer terughollen op mijn zondagse schoentjes tussen de geparkeerde auto's en plassen en scheve stoeptegels en bomen door, om weer achteraan de rij van achterlijke etc. etc. te gaan staan.
Eenmaal terug op het perron bleek ik nog ruim drie minuten te hebben, dus had ik de tijd om mijn bonzend hart een beetje normaal te krijgen. Net toen de trein binnenrolde kwam de kaartjesman naar me toe. Met mijn tweede tas. Want die had ik bij de kassa laten staan. Bij al die achter..., ach, laat maar.

maandag, maart 26, 2007

Domme domme aan tafel 2

Ineke heeft haar best gedaan in de keuken (normaal kook ik), maar Agnes is tijdens het eten erg aan het zeuren en jengelen. Emma: "Agnes hou 's op. Je verpest het eten." Agnes: "Ja, hallo!! Ik heb niet gekookt!"

zondag, maart 25, 2007

Domme domme aan tafel

We hebben het erover dat de meeste dingen niet gratis zijn. Merel verzint wat wel gratis is: 'De zon. De lucht. En je ouders, die krijg je gewoon, die hoef je niet te betalen.'
Waarop Zeger zegt: 'Maar ja, die zijn dan ook niets waard!'