Vandaag wordt het kleine meisje gecremeerd dat twee weken geleden door een auto werd aangereden voor het huis waar Loesje woont met haar gezin. Het ongeluk gebeurde op een prachtige, zonnige zondagmiddag, veel kinderen waren buiten aan het spelen. Er is een speeltuintje in de straat, en een groot grasveld waar kleine jongetjes voetballen.
Loes was met Sofía op de fiets naar de winkel geweest, maar ze zag het al van verre: de traumahelikopter hing boven de wijk, het voorval bleek in haar straat. Ze kon er niet door, de straat krioelde van politie, het weggedeelte voor haar huis was afgezet met linten, ze kon er niet door. Angst sloeg haar om het hart: was er iets gebeurd met haar man en zoontje? Toen ze het tweetal zag in de verte, keerde ze haar fiets, om Sofía niet langer aan het schouwspel bloot te stellen.
Het bleek om het overbuurmeisje te gaan, een kind van 6 op haar stepje. De ouders waren niet thuis, grootouders pasten op haar en haar broer. Het kind lag een week in coma voor ze stierf.
Slachtofferhulp kwam in actie om de buurtgenoten te helpen, door het mooie weer waren er zoveel ouders en kinderen bij geweest. Het ongeluk zelf hadden de meesten niet zien gebeuren, maar het angstige schreeuwen van de ouders, moet traumatisch zijn geweest. Vele vaders en moeders die in paniek hun eigen kinderen zochten, door de chaos was het lang niet duidelijk wie er onder de auto lag. Een buurman die bij de brandweer werkt, was onmiddellijk onder het voertuig gedoken om het meisje te helpen, sommigen zagen hem aanvankelijk voor het slachtoffer aan...
De maandag erna was er een bijeenkomst in de lagere school, om ouders te helpen hiermee om te gaan en slachtofferhulp zette de straat opnieuw af en organiseerde een stoepkrijt-uurtje met de buurtkinderen. Tot de regenbuien kwamen, sierden hun kleurige tekeningen de plaats van het ongeluk.




