Uit den ouden doosch (wie opruimt vindt nog eens wat...):
Pien doet ten tijde van het wk of ek mee aan de voetbalpool. Ze weet wel wat de uitslag wordt: 4 voor Nederland, 3 voor voetbal!
Pien moet opruimen, maar heet daar geen zin in. Ik stel voor een wedstrijdje opruimen te doen.
Pien: "Nee, want ik wil niet dat jij wint!"
Ik: "Kan je niet tegen je verlies?"
Pien: "Jawel, maar ik wil niet dat jij wint en ik verlies!"
Jeppe heeft op het kinderdagverblijf geleerd dat je moet samen spelen, samen delen. Als Pien op schoot zit en Jeppe vindt dat het zijn tijd is, past hij de regel toe: "Pien, samen spelen, dame delen!"
donderdag, december 24, 2015
Langsi laahoe
In Zuid-Holland wordt momenteel hard gewerkt om Matthias en Sofía nog vóór het nieuwe jaar een liedje in het Mandarijn te laten zingen over de twee tijgers die hard rennen, de een zonder oren, de ander zonder staart, maar hoe gek het ook klinkt, het wil nog maar niet lukken.
Ondanks het spiekbriefje met vereenvoudigde tekst, dat overal mee naartoe gaat:
geeft Sofía op dit moment (abuela Romy de hele dag om zich heen) begrijpelijkerwijs de voorkeur aan feliz Navidad a todos en was Matthias weliswaar zeer onder de indruk van zijn ongestoord in de plassen stampende achternichtje, anderzijds is hij een "een beetje verlegen van Elsa".
's Avonds vertelt hij zijn ouders: "Ik heb een neefje die woont in Chinees!
Ik oefen het lied gestaag met hem en inmiddels mompel-zingt hij het zo'n beetje mee, maar nog lang niet voldoende om ook maar een beetje indruk te maken in Singapore. Zelfs zijn Wilhelmus gaat nog beter. Ik doe dus een beroep op de familie in Zuid-Limburg om het lied ook in te studeren en op de film te zetten!
maandag, december 21, 2015
Vraag van de week: waar zou jij niet dood gevonden willen worden?
Vorig weekend waren we in Boxtel, om Adrienne te bezoeken én om een kerstboom te kopen, want ik heb een zeer traditiegetrouwe echtgenoot, wat die jaarlijkse aanschaf betreft. Alsof er in ons eigen stadje geen bomen te koop zijn. Maar het kwam mooi uit, sprak A3n, want ook zij had een boom nodig.
We vervoegden ons hiertoe bij twee verschillende kerstboomverkopers, want zuslief bleek er een eigen adres op na te houden: een kennis annex liefhebber die een gering aantal uitsluitend kleine boompjes in de aanbieding had. Ze bespraken de tentoongestelde waren in de sfeer van "hedde gij" en "gade gij" en "zudde gij" tot ze tot een afronding kwamen met "den dieje dan moar?" en na gedane zaken werden wij voorgesteld als haar zus en zwager. Dat verbaasde de kennis helemaal niets, mijn zus en ik leken sprékend "op mekoaren". Toen wilde hij weten waar wij dan wel vandaan kwamen. Uit Gouda? Nou, daar zou deze meneer nog niet dood gevonden willen worden.
Dat vroeg om opheldering. Bleken meneer en zijn echtgenote ooit een vakantie doorgebracht te hebben in het Zuid-Hollandse Oudewater vanwaaruit ze een autotochtje hadden gemaakt naar Gouda, waar ze verdwaald waren in het plaatselijke eenrichtingsverkeer. Enfin, Gouda de hel, daar kwam het wel op neer.
Mm.
Ik moet toegeven dat Gouda vele feilen kent. Zo leven wij sinds jaar en dag op een moeras beneden zeeniveau, de favoriete habitat van zomerse muggen. Staan wij landelijk bekend om kazen, stroopwafels en kaarsen die hier niet meer en Syriëgangers die hier weer wel vandaan komen en hebben wij een overschot aan zwartekousendragers.
Maar. De Karnemelksloot.
Bij ons links de straat uit en dan linksaf, de kortste route naar de binnenstad. Hij staat al in de atlas van Blaeu uit 1652 als "Wech naa Wtrecht" (zie: https://nl.wikipedia.org/wiki/Gouda#/media/File:Plattegrond_van_de_stad_Gouda_binnen_de_singels,_ca._1650..jpg
zie rechtsboven). Een straatje met een sloot er middenin, boompjes erlangs en kleine, krakkemikkige huisjes aan beide zijden, huisjes waar ooit grote gezinnen gewoond moeten hebben, nu de favoriete stek van vrijgezellen en yuppies die hun sloot elk jaar vol leggen met verlichte kerstboompjes-op-vlotten.
Ja?
Hebben jullie soms zo'n sloot in Boxtel, kerstboommeneertje?
En dat brengt mij tot de vraag van de week: waar zouden jullie niet dood gevonden willen worden? Met het pistool op de borst kies ik voor Nepal, of ieder ander hooggebergte, want ik houd 1. niet van hoge bergen - tenzij vanuit de verte - en 2. niet van klimmen en 3. niet van gladheid en ik zou er nog vele motieven aan kunnen toevoegen.
De hartelijke groeten uit
alwaar we een echte schaatsbaan hebben!
We vervoegden ons hiertoe bij twee verschillende kerstboomverkopers, want zuslief bleek er een eigen adres op na te houden: een kennis annex liefhebber die een gering aantal uitsluitend kleine boompjes in de aanbieding had. Ze bespraken de tentoongestelde waren in de sfeer van "hedde gij" en "gade gij" en "zudde gij" tot ze tot een afronding kwamen met "den dieje dan moar?" en na gedane zaken werden wij voorgesteld als haar zus en zwager. Dat verbaasde de kennis helemaal niets, mijn zus en ik leken sprékend "op mekoaren". Toen wilde hij weten waar wij dan wel vandaan kwamen. Uit Gouda? Nou, daar zou deze meneer nog niet dood gevonden willen worden.
Dat vroeg om opheldering. Bleken meneer en zijn echtgenote ooit een vakantie doorgebracht te hebben in het Zuid-Hollandse Oudewater vanwaaruit ze een autotochtje hadden gemaakt naar Gouda, waar ze verdwaald waren in het plaatselijke eenrichtingsverkeer. Enfin, Gouda de hel, daar kwam het wel op neer.
Mm.
Ik moet toegeven dat Gouda vele feilen kent. Zo leven wij sinds jaar en dag op een moeras beneden zeeniveau, de favoriete habitat van zomerse muggen. Staan wij landelijk bekend om kazen, stroopwafels en kaarsen die hier niet meer en Syriëgangers die hier weer wel vandaan komen en hebben wij een overschot aan zwartekousendragers.
Maar. De Karnemelksloot.
Bij ons links de straat uit en dan linksaf, de kortste route naar de binnenstad. Hij staat al in de atlas van Blaeu uit 1652 als "Wech naa Wtrecht" (zie: https://nl.wikipedia.org/wiki/Gouda#/media/File:Plattegrond_van_de_stad_Gouda_binnen_de_singels,_ca._1650..jpg
zie rechtsboven). Een straatje met een sloot er middenin, boompjes erlangs en kleine, krakkemikkige huisjes aan beide zijden, huisjes waar ooit grote gezinnen gewoond moeten hebben, nu de favoriete stek van vrijgezellen en yuppies die hun sloot elk jaar vol leggen met verlichte kerstboompjes-op-vlotten.
Ja?
Hebben jullie soms zo'n sloot in Boxtel, kerstboommeneertje?
En dat brengt mij tot de vraag van de week: waar zouden jullie niet dood gevonden willen worden? Met het pistool op de borst kies ik voor Nepal, of ieder ander hooggebergte, want ik houd 1. niet van hoge bergen - tenzij vanuit de verte - en 2. niet van klimmen en 3. niet van gladheid en ik zou er nog vele motieven aan kunnen toevoegen.
De hartelijke groeten uit
alwaar we een echte schaatsbaan hebben!
Kerstsfeer in Eauze
Een kerstmarkt en een IJSBAAN! Dat moest ik zien! Dus fietsten Roelof en ik gisteren in een heerlijk zonnetje naar Eauze. De kerstmarkt viel natuurlijk verschrikkelijk tegen. Het was een slap aftreksel van de toeristenmarkten die ze hier zo veel hebben: standjes met Floc, Armagnac, Foie gras en met allerlei huisgemaakte rotzooi. Toch kon ik nog iets kopen: stroopwafels. Van een Nederlandse vrouw, zelfgemaakt (zei ze).
Dan maar naar de ijsbaan. Ik herinnerde me natuurijs in België, daar liep het hele dorp over de ijsbaan, met plassende hondjes en schoenen vol zand. Wij probeerden daar tussendoor te schaatsen en hadden dan veel bekijks. Dus Zuid-Frankrijk en schaatsen, dat moest wel heel bijzonder zijn.
Het was op de Place d'Armagnac, dat is het plein bij de kerk waar al onze gasten graag een drankje of een ijsje consumeren. Het was er lekker druk op de terrassen. De ijsbaan leek in alles op een Nederlandse ijsbaan, een tent waar je schaatsen kunt huren en betalen en dan hup het kleine ijsbaantje op:
Ik zag meteen dat niemand echt schaatste, het was meer lopen op het ijs. Toen we dichterbij kwamen zagen we waarom.
Dan maar naar de ijsbaan. Ik herinnerde me natuurijs in België, daar liep het hele dorp over de ijsbaan, met plassende hondjes en schoenen vol zand. Wij probeerden daar tussendoor te schaatsen en hadden dan veel bekijks. Dus Zuid-Frankrijk en schaatsen, dat moest wel heel bijzonder zijn.
Het was op de Place d'Armagnac, dat is het plein bij de kerk waar al onze gasten graag een drankje of een ijsje consumeren. Het was er lekker druk op de terrassen. De ijsbaan leek in alles op een Nederlandse ijsbaan, een tent waar je schaatsen kunt huren en betalen en dan hup het kleine ijsbaantje op:
Ik zag meteen dat niemand echt schaatste, het was meer lopen op het ijs. Toen we dichterbij kwamen zagen we waarom.
De baan was niet gemaakt van ijs maar van plastic platen!
Abonneren op:
Posts (Atom)

