Matthias: "Opa, ik heb nog een heel lastige vraag, waarop jij het
antwoord ook niet weet. Hoe komt het toch dat, als je jezelf kietelt,
dat je niet hoeft te lachen, en als een ander je kietelt, dan moet je
wel lachen."
Maren en Matthias zitten allebei in een
dekentje gehuld op de bank. Maren bekijkt met plezier haar
eigen exemplaar en zegt: "Ik heb een mooie paarse deken." Dan gluurt ze naar de
groene van haar broer. "Matthias, wil jij later ook een meisje worden en
een paarse deken hebben?"
Maren spreekt over vroeger.
Matthias: "Maren, vroeger bestond jij niet eens."
Emma: "Misschien bedoelt ze twee jaar geleden. Toen bestond ze al wel. Maren is al 3!"
Matthias: "Nee hoor, ze bedoelde vast toen jullie nog niet eens zaadjes van de
dono hadden gekregen!"