zaterdag, juni 19, 2021

Dommes uit Domburg en omstreken

Zei Neeltje, maanden geleden, nog dat ze over drie mimuutjes haar tanden zou gaan poetsen, tegenwoordig wil ze graag dat we de deur op een uurtje laten staan.

We rijden langs 't Kempke, waar mijn jongste broer met zijn gezin woont. Er komt net een auto uit gereden. En aangezien ik altijd vergeet wat voor auto Matthijs en Wendy hebben, en er altijd naar uitkijk ze te zien, vraag ik de kinderen of dat Matthijs en Wendy met Fenna zouden zijn.
"Nee," zeggen de beide jongens stellig, "die hebben een andere auto."
"Oh ja? Wat voor auto hebben ze dan?"
"Nou," zegt Flinn, "volgens mij heeft Matthijs een Tesla. En anders een Porsche, of een Ferrari!"

Neeltje: "Wij wonen in Nederland en Geulle is de voornaam."

We rijmen: Neeltje is een juweeltje, woont in een luchtkasteeltje en rijdt op een kameeltje.
"Nee, ik rij op een eenhoorn!"
"Maar Neeltje, eenhoorn rijmt niet."
"Maar ik wíl niet op een kameeltje, ik wil op een éénhoorn!"

Onze BSO huisvest kinderen van twee scholen. Dat zijn er veel, dus werken ze in twee groepen: de jongste kinderen zitten op de hoofdlocatie; de oudere kinderen, vanaf 8 jaar, gaan naar de dependance. Nu werken ze, vanwege corona, met bubbels: de kinderen van de Franciscus gaan naar de hoofdlocatie en onze kinderen, van De Bundeling, gaan naar de dependance. Neeltje kan haar geluk niet op: "Ik mag naar de pip en dans!!"

Neeltje wil graag het verhaaltje van de wolf en de scheve geitjes.

Best een grote variatie aan bergen bij ons: steile bergen, heuveltjes, vals plat. Dat laatste behoeft wat uitleg. Vals plat dat is een semi-berg, die lijkt plat, maar gaat stiekem toch een klein beetje omhoog. Dus als Pien weer een vals plat stukje op ploetert, verzucht ze: "Oh, ik hou echt niet van die sodabergen!"

Neeltje: "Weet je dat plobleem een moeilijk woord is? Het is eigenlijk een probleem, maar ik heb altijd wat moeite met het uitspreken van het woord probleem, dus ik zeg altijd plobleem.

Neeltje leest: "buh... oo... tuh... e... r... hu... a...m" Dus wat staat er nu? "Pindakaas!"

Flinn weet wel hoe het zit met het leven: "Eerst ben je in het bloedprofiaal. Daar ben je vier maanden. Dan ga je naar het aardprofiaal. Dat is waar wij nu zijn. Daar ben je honderd jaar. Dan ga je naar het luchtprofiaal. Daar ben je vier uur. En dan ga je met een glijbaan van het luchtprofiaal weer naar het bloedprofiaal en dan begint alles weer opnieuw."

Ik wandel veel door het bos dat ik tot mijn achtertuin reken. En omdat ik het als mijn achtertuin beschouw, wil ik nog wel eens wat meenemen. Nooit zeldzame planten, alleen maar wilde scheuten die anders toch maar vertrapt zouden worden. Op een van mijn strooptochten trek ik de scheut van een wilde kers uit die een erg lange wortel blijkt te hebben. Thuis biecht ik mijn actie op, maar zeg erbij dat ik niet denk dat iemand zal merken dat ik het was: "Het ziet er een beetje uit alsof een zwijn de aarde heeft omgewoeld."
"Oh," zegt Pien, "maar dat klopt toch, jij bént ook een zwijn!"

De kinderen spelen. Flinn: "Jij was door het portaal naar de toekomst getransporteerd, dus bij jou was het al ochtend."

Neeltje kan fietsen en gaat regelmatig met Peter een rondje om het vliegveld. Na weer zo'n tochtje komt ze trots vertellen dat ze er weer is.
Ik: "En? Was het leuk? Ging het goed?"
Neeltje: "Ja, dat zie je toch, ik ben toch niet dood!"

Deze lente maakten we nogal vaak gebruik van buienradar en buienalarm. Die twee wilden elkaar nog wel eens tegenspreken en Flinn weet wel waarom: "Logisch, het heet toch buienrader? Dan moet je dus raden of er een bui komt!"

We zijn een heerlijk weekje in Domburg. Flinn legt contact met wandelaars met honden: "Wat een leuk hondje!" Daar heeft hij wel over nagedacht: "Ik zeg het alleen als ik het écht een leuk hondje vind!"
Als we bovenaan het strandpad onze schoenen aantrekken, komt er een koppel zonder hond aan. Dat maakt niet uit voor Flinn - hij improviseert snel: "Zoekt u het strand?"
 

dinsdag, juni 15, 2021

Hohoho, we geloven tegenwoordig niet alles meer hè!

 We zijn tenslotte de kerstman (niet). Sterk verhaal van die uitlaat, dus dat laten we even factchecken door Bellingcat.

OK, Yass bestaat en ligt aan de weg ven Melbourne naar Brisbane, de M31. Die heet inderdaad The Hume Highway. Je kunt hoogstens zeggen: da's wel een hééééél eind rijden op een gammele motor (1776km, 18 uur en 40 minuten!), maar vooruit, 1994, jeugdige overmoed, klopt. Erik moet hier ergens zijn uitlaat verloren hebben:


Zien we nog iets in de kant van de weg liggen? Nee, maar dat kan kloppen, want hij had alles weer aan elkaar geknoopt en meegenomen. Er is geen verkeer te zien, check, dus dat moet even eenzaam gevoeld hebben. Om de bocht staat weliswaar een afslagbord naar Yass, maar dat kon hij van hieruit niet zien. 

Zo te zien, kan Erik afgeslagen zijn op de Yass Valley Way. Komt je daar dan een uitlaten-expert tegen? 

Ja hoor, meerdere zelfs (!), maar deze is de eerste: 

Ziet die zaak eruit alsof daar een aardige man in staat die niet graag een slaatje slaat uit een naïef jong studentje dat geen kant op kan?


Nou... dat zou best wel eens kunnen. De garagedeur staat uitnodigend open, weinig poespas, het onkruid weelt tierig. Die bijzondere auto verraadt ook wel een liefhebber van lekker knutselen.


Het TNO laat weten niet volledig te kunnen instaan voor de juistheid van  "Ngggggiiiihhhh -[ploinkidoing]- KNAL-RANK-DONK-TRANG-KRONG-RAL-PRAK-BAM...". Vooral het wulpse "ploinkidoink" roept argwaan op en is door middel van valproeven niet meer vast te stellen, maar enige poëtische vrijheid, 2021, volwassen taalgevoel, klopt.  

Eindoordeel: het verhaal is feitelijk juist. Ongelofelijk!