Sophia hoort veel vergelijkingen de revue passeren: Lang? "Zo lang als een lantaarnpaal!" of Snel? "Zo snel als een haas die naar de wc moet!" Sophia begint ze uit zichzelf ook te maken: Koud? "Zo koud als een olifant! Hahaha!" Ze vindt het erg leuk en ze herhaalt 'm iets van 20 keer.
Sophia kopieert ook de benadering van Elise. Elise: "Da da da da..." Sophia: "Ja ja, dat wou ik ook net zeggen!" Of, terwijl ze naast haar kleine zus gaat zitten: "Daar zitten ze dan met z'n tweetjes."
"Waar slapen de vogels?" In de boom. "Waarom?" Omdat ze geen huis hebben. "Waarom hebben ze geen huis?" Omdat ze een nestje hebben. "En als het regent?" Dan worden ze nat. "Vinden ze dat niet erg?" ... Ik vrees dat de huizencrisis ineens onoplosbaar is geworden.
Opa heeft een simpele kijk op het leven en herhaalt vaak: "Als je moet ..., nou, dan moet je gewoon ... hè. Poepeladiejee." Bijvoorbeeld: "Als je moet poepen, nou, dan moet je gewoon poepen hè. Poepeladiejee" of "Als je wil kleuren, nou, dan wil je gewoon kleuren hè. Poepeladiejee." De discussie gaat over mollen. Sinds dat Sophia een mollenholletje heeft gezien, is ze bang voor mollen. Opa probeert haar op andere gedachten te brengen: "Hij is maar klein." en "Hij eet pieren, geen kindjes." en "Hij komt nooit boven de grond." en "Hij..." Maar Sophia kapt hem af: "Nou! Als je bang bent van mollen, nou, dan ben je gewoon bang van mollen hè! Poepeladiejee!"

Sophia maakt soep van de theezakjes en schillen uit het afvalbakje. Opa, op afstand, hoort een vrolijk kwebbelende kok in de keuken, die met water en pannetjes bezig is. De gedachten dwalen af en na een half uur schrikt opa op: hoe lang is Sophia nu al bezig... en hoe lang is het al zo stil...?! Maar er is niets aan de hand. Er wordt nog steeds theesoep met kersenpitten gekookt. Alleen de schillen van de appel zijn op mysterieuze wijze verdwenen.

Sophia heeft een echte kassa en opent meteen een winkel. Opa is een goede klant (hij krijgt zelfs geld tóé bij de boodschappen). Maar het pad van de ondernemer verloopt niet over rozen. Haar nering heeft de aandacht van de verkeerde soort klandizie getrokken... Angstig klemt ze de kassa vast, voordat de kleine boef ermee vandoor gaat.
Opa heeft een mooi kijkboek van Fien Westendorp en Sophia wil graag weten wáár op het eerste plaatje (mensen bij een trein) Sophia is. Opa wijst een kindje aan met een hoedje en twee koffertjes. Sophia knikt bedachtzaam. We gaan het hele boek door. Dat duurt minstens een half uur, want het is zo dik als een opa. Bij een van de laatste pagina's is weer een straatscène met veel mensen afgebeeld. Sophia: "Waar is Sophia?" Opa wijst weer een random kindje aan. Nee, die blijkt niet te worden goedgekeurd. "Die dan? Nee? Die misschien?" Nee. Sophia pakt het boek en bladert resoluut terug naar het begin: "Die!" Hoedje, twee koffertjes... Ja, natuurlijk.
Julia, bij het slapen gaan: "Je mag nog één vraag stellen en dan doen we de oogjes dicht."
Sophia: "Als mama's hoofd eraf is... dan heeft mama geen hoofd... En dan?"
Sophia heeft een nieuwe "boot" (kartonnen doos). Elise mag ook mee, maar Sophia is de kapitein, zegt opa. Sophia: "Ha! Ik ben de capuchon!"
Er wordt aangebeld. Bang dat het mama of papa is die haar komt ophalen, gaat Sophia snel verstoppen onder de tafel. Maar het is iemand anders, waar opa even mee moet babbelen. En ach... het is al laat op de middag...
Eekhoorn is kwijt. Elise heeft 'm ergens onderweg naar Appie Happie uit de kinderwagen gegooid... en we komen er thuis pas achter. Terug dus. Naar blijkt moeten we op ál onze schreden terug keren, tot en met de winkel. Daar vragen we of er wat gevonden is, hetgeen via de interne communicatie in no time bij al het personeel bekend is. Nee, niks. Sophia heeft de speurtocht van haar leven. Onderweg wordt ook véél met de verstopte eekhoorn gecommuniceerd. "Waar zit je eekhoorn?" "In de boom." "Welke boom?" "Weet ik niet!" etc. etc. Uiteindelijk vinden we hem op de tweede terugweg... in de eigen straat. Én een avontuur, én een happy end. Sophia stuitert van plezier. De volgende dag is er niets kwijt, maar moet het wel allemaal opnieuw met een imaginaire eekhoorn. Als we bij de winkel komen vraagt opa: "Zal ik vertellen dat eekhoorn gevonden is, of doe jij dat?" Sophia holt 20 meter vooruit en de automatische deur swingt open. Daar staat een medewerker die Sophia bij naam kent: "Eekhoorn is gevonden! Die lag op stráát!!!" Even later zijn alle medewerkers weer op de hoogte.
Sophia kan al goed lezen. Bij een verkeersbord van 30: "3... en de O van opa. Mama, waarom staat daar 3 O?"
In de binnenspeeltuin: "Mama, zijn we hier al eens geweest?" "Julia: "Ja, toen zat Elise nog in de buik." Sophia: "Ja, dat weet ik! Toen had je een héééle dikke buik.... net zo dik als papa.*"
Tante Emma is op bezoek: "Die heeft een baby in de buik.... (na enig nadenken) ... of een bal."
De Jumbo geeft een spaarsticker aan klanten: "Mama!! We hebben zóveel geluk! We zijn niet jarig en krijgen tóch een cadeautje!!!"

Duitse opa Dieter is op bezoek. Hij is nog niet zo bedreven in het voorlezen van Hello Kitty, maar Sophia heeft daar geen probleem mee en draait de rollen om: "Waar is Die Apfel?" en dan enthousiast "Jááá'!"
*(Sascha wordt vaak dik genoemd, maar is in werkelijkheid juist heel slank.)
(Net als opa.)