zaterdag, april 02, 2022

MARENKA'S

In het huis aan de overkant woont een gezin met 4 tienerdochters. Maren: “Onze overburen lijken écht allemaal op elkaar! Vooral de vader en de moeder!”

Emma fietst met Maren naar Delft - klein eindje maar - voor de periodieke nieuwe schoenen. Maren: “Ik vind het centrum van Delft echt het leukste van Rijswijk!” 

Onderweg praten ze over Corona. Hoe ingrijpend het was en dat het zo gek is dat Corona nu ineens voorbij is. Maren: “Buurman Wim heeft zoveel geluk gehad!” (Hij is vlak voor de uitbraak overleden...)

Oké, ook eentje van haar broer:
Emma werkt zich in een ietwat krappe pyjamabroek. Matthias kijkt kritisch toe. Emma: “Vind je me soms te dik voor deze broek?” Hij: “Nee hoor, je bent er gewoon uitgegroeid.” 

zondag, maart 27, 2022

Feestje in Rotterdam

Sofía (9) denkt na over gaatjes in haar oren. Maar er is iets wat haar daarvan weerhoudt. “Mam, hebben ze in de oorbellenwinkel dan een bakje staan, waar ze alle rondjes van die gaatjes bewaren? Want dat lijkt mij wel vies...”

Camilo (6), over een jongetje in de klas: “Ik vind hem een dunne riet spriet.” Even stil, dan: “Hé een rietspriet, dat is echt een samengesteld woord!”

Milo, op de fiets naar school: “Ik hou heel veel van de zon. Maar wel meer van mijzelf.”

“Mam, mag ik mijn halfuurtje?” (Hij bedoelt: op de I-pad)
Loes: “Nee, een kwartiertje.”
Milo: “Pap, ik mag van mama een kwartier mijn halfuurtje!”

Maren wil later juf van groep 1 worden, omdat ze daarvoor niet zoveel hoeft te studeren. Emma zegt dat je geen juf van een bepaalde groep kunt worden en dan begint ze uit te leggen hoe de Pabo in elkaar steekt.
Het is even stil. Dan Marens reactie: “Oké. Dan wil ik niets worden.”

Emma en Miguel zijn 12 ½ jaar getrouwd en ze vieren dat met z’n viertjes met een weekendje Rotterdam, inclusief een nacht op een hotelboot in de Maas. Miguel vertelt over de trouwceremonie van destijds en de kinderen luisteren aandachtig. 

Dan wil Matthias het naspelen. Na zijn ouders te hebben gepositioneerd, zegt hij: “Neemt u, Miguel van Wijck, deze mevrouw tot uw prettige echtgenoot?”