“Als ik duizend ben, dan ben ik een opa!”
“Ja, misschien wel Milo, maar eerst word je nog iets anders...”
Hij glimlacht: “Ja, een papa.” Grinnikend loopt hij met een geheven wijsvingertje op zijn moeder af en fluistert in haar oor: “Maar dan moet je wel eerst trouwen!”
“Ja, misschien wel Milo, maar eerst word je nog iets anders...”
Hij glimlacht: “Ja, een papa.” Grinnikend loopt hij met een geheven wijsvingertje op zijn moeder af en fluistert in haar oor: “Maar dan moet je wel eerst trouwen!”
Milo wandelt door het winkelcentrum met een kleine paraplu en vraagt:
“Hadden ze in de préhistorie ook paraplu’s mama?”
“Nee, die waren er toen nog niet.”
“Zaten ze nog in de paraplubuik?”
“Nee, die waren er toen nog niet.”
“Zaten ze nog in de paraplubuik?”
Milo: “Hoe zag jouw vader eruit?”
“Dat is opa Toon!”
“Oh! Die ken ik al!”
“Dat is opa Toon!”
“Oh! Die ken ik al!”
Sofía komt enthousiast thuis van de buitenschoolse opvang. “Ik vond het zo
leuk vandaag! Ik was de postbode van de ruzie tussen Anne en Thadzea, ik moest
elke keer rennen van de ene naar de andere persoon!”
“Voorzichtig Milo, dat ding is heel... heel eh.... gevoelig!”
“Jij bedoelt zeker breekbaar!”
“Jij bedoelt zeker breekbaar!”
Camilo eindigt zijn favoriete Cats-lied met een hoge noot. Loes moet erom
lachen. Dan zegt hij ernstig: “Ik doe het altijd zoals jongens, want ik kan het
niet zoals de meiden.”
“Matthias, papa wordt gek van Edith Piaf.”
“ Ik niet, ik vind het een prachtige zangeres!”
“ Ik niet, ik vind het een prachtige zangeres!”
Matthias
(bijna 7) mag het pas aangeschafte Goudse retro-typemachientje lenen voor een
geschiedenis-project op school. Hij maakt van de gelegenheid gebruik om zijn
eerste brieven te typen.