Af en toe krijg ik een e-mail van William Berks. Dat is de kleinzoon van Mary en Brian. William vecht hard om zijn handicap de baas te blijven: hij is dyslectisch. Zie hier twee van zijn mailtjes, ze zijn bijna helemaal perfect! (Tussen de twee mailtjes zat er een van mij, waarin ik hoopte dat zijn opa hem goed zou belonen voor het grasmaaien!)
e-mail 1: Hello sorry I haven't sent any emails to you. Better start doing a better job. How are you to day. I am going to mow Bryans lawn. hope to see you this year. Love william
e-mail 2: I love you to. school is going well the best thing is there is a friendly surrounding. My teacher is very nice she is called miss Delany white. The bad news is Mary had already mod the lawn. Hear from you soon . Love William xxxxxxxxxxxx
zaterdag, oktober 03, 2009
woensdag, september 30, 2009
Prijs!
Twee maanden geleden, het is zonnig en het is vakantie, ziet RJ in de krant dat de gemeente Halderberge, waar Oudenbosch onder valt, een tuinenwedstrijd gaat houden. De tuin met de grootste biodiversiteit gaat winnen. RJ stelt voor om mee te doen, immers, we winnen toch. En dan kunnen we de gemeente misschien eindelijk in gesprek krijgen over de overname van ons paradijs.
Natuurlijk schrijf ik in. Ik vind niks leuker dan tuinvisite. En omdat ik toch tijd genoeg heb, schrijf ik meteen op wat we allemaal aan biodiversiteit hebben. Het wordt een document van vier kantjes, al doende raak ik steeds meer geïnspireerd. De gemeente ook, elke week verschijnt er in het plaatselijke sufferdje een artikel over biodiversiteit in je tuin. Artikelen die meer gaan over verstandig tuinieren dan over diversiteit, maar toch, ze doen moeite.
En dan een telefoontje van de organisator van de wedstrijd, ze belt om te zeggen wanneer twee juryleden onze tuin komen bezichtigen. Ik zal er dan niet zijn, maar ik vertel haar dat ik alles heb opgeschreven, en dat kan ik mailen. RJ is er dan wel en hij doet de rondleiding. Ik ben nog juist thuis wanneer Sjaan en Gert komen (Sjaan is een man, hij vertelt dat Sjaan een Zeeuwse voornaam is). Ze hebben mijn stuk gelezen en verheugen zich op de tuin. Een van de twee is dertig jaar geleden bij het inplanten van de tuin betrokken geweest, blijkbaar had de gemeente subsidie gegeven. RJ vertel naderhand dat hij een leuk uurtje heeft doorgebracht. De juryleden zijn echte vakmensen. Ze zien dat er een 'wel' (een bron van waaruit kwelwater omhoog komt) in de vijver zit. En ze zijn enthousiast over de gezonde iepen die we hebben (ik dacht dat het haagbeuken waren). En ze raden RJ aan om volgende keer vooral weer mee te doen. RJ vermoedt dat de prijswinnaar al vaststaat, hij heeft een gezonde dosis scepsis over de vriendjes van de burgemeester.
Op 28 september is de prijsuitreiking. Voor alle zekerheid spreken RJ en ik af wat ik ga zeggen als ik de prijs krijg. Bij de inschrijving heb ik mijn naam opgegeven en nu gaat alles onder die naam, dus het is logisch als ik het verhaal ook zelf afmaak. Een uurtje voor de aanvang worden we gebeld door de mevrouw van de organisatie: we hebben een prijs gewonnen, ze zegt niet welke, maar of we vooral aanwezig zullen zijn. Het voelt als een Oscarnominatie!
Dus maar ons goeie goed aan en naar het gemeentehuis. De wethouder zal de prijzen uitreiken. Dezelfde wethouder die de rondweg aanlegt, dat komt goed uit. Hij vertelt een verhaal over biodiversiteit dat zo overgenomen is van een provinciale verordening. Vervolgens geeft hij prijzen aan kinderen die een plaat hebben ingekleurd. Het is niet het moment om na te denken over originaliteit bij wedstrijden.
Vervolgens bespreekt een jurylid elke tuin van de 28 tuinen die meedoen. Ik schrik van de biodiversiteit die ik in andere tuinen waarneem. Natuurlijk weet ik dat we een prijs krijgen, maar wat een competitie hebben we! De wethouder reikt de prijzen uit.
Mijn naam valt als eerste: we hebben een derde prijs. Goed genoeg voor de eerste plek en dus de meeste aandacht. Ik loop naar voren, neem de tegoedbon in ontvangst en vraag of ik even wat terug mag zeggen. AANDACHT. Daar komen we voor. Ik vertel het grinnikende publiek dat wij meedoen met een oneigenlijke reden. Dat de rondweg bij ons langs zal komen. En dat we steeds maar proberen een goed gesprek hierover te voeren met de gemeente. Maar dat het ons niet lukt. En nu we een prijs hebben voor biodiversiteit zal diezelfde gemeente toch minstens moeite doen om te kijken hoe we dat kunnen behouden. De wethouder heeft de juiste cursus gehad. Hij grijpt zijn papier en omcirkelt mijn naam. Hij bezweert dat zijn secretaresse de volgende dag zal bellen om een afspraak te maken. RJ glundert. Zijn plan slaagt.
De tweede prijswinnaar krijgt er ook zin in en foetert de gemeente uit voor haar slechte groenbeleid. Net als ik denk dat ik de sluizen heb opengezet komt de eerste prijswinnaar netjes vertellen hoe zijn tuin is ontstaan.
Na de ceremonie zal de wethouder bij elke tuin een plaquette neerzetten. We fietsen tevreden naar huis.
Na een half uurtje komt de wethouder, met een fotografe, de mevrouw van de organisatie en enkele onbekenden het bord plaatsen. We vergeten hier een foto van te maken en we weten niet waar de fotografe van is. Ik nodig het gezelschap uit om de tuin kort te bekijken. We nemen ze mee naar de vijver. Onderweg praat ik met de wethouder. Hij heeft geen idee waar de rondweg komt. Ik leg het geduldig uit. Hij vraagt wie we al gesproken hebben en zegt dat dat de juiste mensen zijn. Hij begint zich al terug te trekken, hier is immers geen publiek. We verleggen de aandacht naar de tuin, die is prachtig met nog heel veel bloemen en mooi gemaaid gras. Ze nemen afscheid. Ik maak nog een foto van RJ bij de plaquette.
Tegen de tijd dat ik terug in de tuin kom, staan de mollenklemmen alweer in de mollengangen. Het is weer gewoon onze tuin. Zonder biodiversiteit.
Natuurlijk schrijf ik in. Ik vind niks leuker dan tuinvisite. En omdat ik toch tijd genoeg heb, schrijf ik meteen op wat we allemaal aan biodiversiteit hebben. Het wordt een document van vier kantjes, al doende raak ik steeds meer geïnspireerd. De gemeente ook, elke week verschijnt er in het plaatselijke sufferdje een artikel over biodiversiteit in je tuin. Artikelen die meer gaan over verstandig tuinieren dan over diversiteit, maar toch, ze doen moeite.
En dan een telefoontje van de organisator van de wedstrijd, ze belt om te zeggen wanneer twee juryleden onze tuin komen bezichtigen. Ik zal er dan niet zijn, maar ik vertel haar dat ik alles heb opgeschreven, en dat kan ik mailen. RJ is er dan wel en hij doet de rondleiding. Ik ben nog juist thuis wanneer Sjaan en Gert komen (Sjaan is een man, hij vertelt dat Sjaan een Zeeuwse voornaam is). Ze hebben mijn stuk gelezen en verheugen zich op de tuin. Een van de twee is dertig jaar geleden bij het inplanten van de tuin betrokken geweest, blijkbaar had de gemeente subsidie gegeven. RJ vertel naderhand dat hij een leuk uurtje heeft doorgebracht. De juryleden zijn echte vakmensen. Ze zien dat er een 'wel' (een bron van waaruit kwelwater omhoog komt) in de vijver zit. En ze zijn enthousiast over de gezonde iepen die we hebben (ik dacht dat het haagbeuken waren). En ze raden RJ aan om volgende keer vooral weer mee te doen. RJ vermoedt dat de prijswinnaar al vaststaat, hij heeft een gezonde dosis scepsis over de vriendjes van de burgemeester.
Op 28 september is de prijsuitreiking. Voor alle zekerheid spreken RJ en ik af wat ik ga zeggen als ik de prijs krijg. Bij de inschrijving heb ik mijn naam opgegeven en nu gaat alles onder die naam, dus het is logisch als ik het verhaal ook zelf afmaak. Een uurtje voor de aanvang worden we gebeld door de mevrouw van de organisatie: we hebben een prijs gewonnen, ze zegt niet welke, maar of we vooral aanwezig zullen zijn. Het voelt als een Oscarnominatie!
Dus maar ons goeie goed aan en naar het gemeentehuis. De wethouder zal de prijzen uitreiken. Dezelfde wethouder die de rondweg aanlegt, dat komt goed uit. Hij vertelt een verhaal over biodiversiteit dat zo overgenomen is van een provinciale verordening. Vervolgens geeft hij prijzen aan kinderen die een plaat hebben ingekleurd. Het is niet het moment om na te denken over originaliteit bij wedstrijden.
Vervolgens bespreekt een jurylid elke tuin van de 28 tuinen die meedoen. Ik schrik van de biodiversiteit die ik in andere tuinen waarneem. Natuurlijk weet ik dat we een prijs krijgen, maar wat een competitie hebben we! De wethouder reikt de prijzen uit.
De tweede prijswinnaar krijgt er ook zin in en foetert de gemeente uit voor haar slechte groenbeleid. Net als ik denk dat ik de sluizen heb opengezet komt de eerste prijswinnaar netjes vertellen hoe zijn tuin is ontstaan.
Na de ceremonie zal de wethouder bij elke tuin een plaquette neerzetten. We fietsen tevreden naar huis.
Tegen de tijd dat ik terug in de tuin kom, staan de mollenklemmen alweer in de mollengangen. Het is weer gewoon onze tuin. Zonder biodiversiteit.
Labels:
Huis en haard,
natuur
maandag, september 28, 2009
Abonneren op:
Posts (Atom)
