vrijdag, oktober 26, 2007

40 in Barcelona

Blijkbaar is 40 iets dat gevierd moet worden. Tenminste, vele vrienden gaven allemaal feestjes de afgelopen tijd. Maar ik had geen zin in een feestje. Tegen de tijd dat je iedereen verwelkomd hebt en iets te drinken hebt aangeboden, gaat de eerste al weer weg en spendeer je de rest van de avond aan afscheid nemen. Daar begin ik niet aan. Ik wilde iets persoonlijkers, iets echts gezelligs.

Allerlei ideeen gehad, maar tijdens de zomervakantie wist ik wat ik echt leuk vind: met z'n vieren op vakantie, op stap. Na wat googlen was de bestemming ook gekozen: Barcelona. Daar was ik 16 jaar geleden geweest, maar toen was het een grote teleurstelling: met de naderende Olympische Spelen (1992) was Barcelona een groot bouwwerf. En verder was het er vies en heet. Tijd voor een 2de poging.

Zo vertrokken we woensdagavond 17 oktober. Het weer was prachtig (20-25 graden), niet overdreven druk, zo wat alles bewonderd en bekeken (we hebben echt de toerist uitgehangen, dat gaat heel makkelijk want er is een toeristen-bus die continue rondjes rijdt langs alle bezienswaardigheden), verder ook heerlijk gegeten, en ons hotelletje was midden in het centrum, zodat we ook 's avonds genoten. Ook de kids trouwens, het was gewoon een super geslaagde trip.







(en natuurlijk ook het olympisch stadion bezocht!)





En o ja, intussen ben ik 40 geworden. Daar werd ik vooral door verschillende familieleden aan herinnerd (dank overigens voor de felicitaties), maar 39 of 40, het maakt mij allemaal niets uit :-)!

dinsdag, oktober 23, 2007

Lopenlopenlopen deel 2

Verslaafd. Aan hardlopen. Als je me dat een jaar geleden had gezegd, had ik het niet geloofd. Sinds Kerst 2006 loop ik ‘hard’. Tussen aanhalingstekens, want ik loop ongeveer 8 km per uur, en dat is meer joggen dan hard lopen. De snelheid mag dan niet bijzonder zijn, de tijd en de afstand worden wel groter. Steeds meer per keer en steeds meer keer per week.(17 e’s in één zinnetje) Ik loop nu drie keer in de week ruim tien kilometer, voor mij is dat dus een uur een kwartier lopen. Als je daarbij het inlopen en het rekken en strekken telt, ben ik zo’n zes uur per week aan het lopen.

Heb ik jullie al verteld dat ik zelfs een wedstrijd heb gelopen? Zes kilometer, een fluitje van een cent voor mij (37 minuten en 7 seconde). Ik was wel de laatste, maar gelukkig viel dat niet op want gelijktijdig was er ook een 10 km race. De winnaar van de 10 km, finishte vóór mij. Volgend jaar wil ik een keer de tien kilometer doen. En dan ga ik trainen voor de halve marathon. Niet dat ik de wedstrijd leuk vond, maar je moet iets hebben om je te motiveren.

Ik heb namelijk nooit zin om te vertrekken. Bij mijn hardlopen, hoort een riedeltje aan spullen. Om te beginnen moet ik elke keer besluiten wat ik aantrek, en dat is een lastig besluit. Als ik begin met lopen dan heb ik het hartstikke koud en als ik eindig zweet ik me rot, vooral als de zon schijnt. Vanmorgen was het zo koud dat ik mijn handen in het trainingsjack verstopte. “Doe dan handschoenen aan”, zegt RJ. Maar dan moet ik die meedragen! En alles is gericht op zo min mogelijk gewicht. Dan maar kou lijden in het begin. Verder heb ik twee papieren zakdoekjes bij me, een voor gebruik en een voor reserve. En een telefoon en een stappenteller. Als ik geen trainingsjack aan heb, stop ik de telefoon onderin mijn beha. Ik durf niet te lopen zonder, als ik mijn enkel verzwik vinden ze mij pas na drie dagen. Diep in het bos. Doodgevroren.

Tenslotte heb ik ook nog een alarm bij me. Die lijkt op een vreselijk groot horloge en is ook nog knaloranje. Omdat ik me daarvoor heel erg schaam, maak ik die helemaal bovenaan mijn arm vast, onder de mouw van mijn shirtje. Ik hoef er maar een klap op te geven en het ding begint te gieren en lichtsignalen te geven. Dat is niet voor verzwikte enkels, maar voor aanrandende mannen. Niet dat ik die tegenkom, gewoonlijk kom ik vrijwel niemand tegen, maar je weet maar nooit. Met dat ding om durf ik in mijn eentje werkelijk overal te lopen, op elke tijd van de dag en nacht.

Als ik volledig gekleed ben ga ik eerst rekken en strekken en inlopen in de tuin. Dan start ik vanaf de voorkant van de oprit, de stappenteller op nul en gaan. Het eerste kwartier is niet leuk. Er is altijd wel iets dat ik voel, een teen die niet goed zit, een spiertje in een bovenbeen dat pijn doet. Ik neem elke dag een ander parcours, keuze genoeg. Maar een route vind ik het aller-fijnst en dat is lopen in de polder. Ten noorden van Oudenbosch begint een kleigebied, met allemaal lange rechte straten en heel weinig boerderijen. Als ik daar loop dan krijg ik de ‘flow’. Het is me al een paar keer overkomen dat ik een afslag miste, gewoon omdat ik helemaal niet meer oplet. Dat is dus het verslavende. Je vergeet dat je loopt en je gedachten doen iets zelfstandigs (wat dat weet ik niet). Daarna voel je je geweldig. Ik word er niet eens echt moe van, het hijgen is ook voorbij en zweten doe ik – vooral nu het echt koud wordt – ook niet meer. Ik krijg alleen nog een roje kop, maar dat is een termeer-ding.

Tja, het is duidelijk een domme afwijking. Al heeft Lonneke verteld dat zij – wel heel leuk met een podcast gedownload op een i-pod met een stem die zegt wat ze moet doen – ook begonnen is. En zij lijkt me verder toch best verstandig. Misschien moet ik haar maar adviseren om te stoppen nu ze nog kan. Want ik ben erg oud, en langer dan een paar jaar zit er voor mij niet in, dan begint de rollator-periode. Dan houd zo’n verslaving vanzelf wel op. Maar als je nog jong bent: niet mee beginnen! Anders krijg je afkickklinieken en verdrietige ouders ….

maandag, oktober 22, 2007

Dommedomme

Puck zit bij Rich op schoot en boekje te lezen. Het gaat over verschillende vormen. Duidelijk iets nieuws voor Puck. Rich legt uit: "Kijk deze heeft vier hoeken en vier kanten en heet een vierkant en deze heeft drie hoeken en drie kanten en heet een driehoek." Dat Puck de uitleg nog niet altijd even goed kan toepassen is duidelijk als ze bij een cirkel belanden: Heel enthousiast roept ze: "En dit is een eenhoek!"