Op zoek naar een envelop om bloemzaadjes in te bewaren, stootte (stiet?) ik in mijn postlaatje op een verzameling ongerepte kinderpostzegels waar je U (U! U!) tegen zegt. Nu weet ik wel hoe die daar terecht is gekomen: dit jaar heeft mijn echtgenoot zich ermee bemoeid, en dus is er geen enkel kind aan de deur weggestuurd met de mededeling dat er al een aankoop gedaan was. Ik vermoed dat heel groep zes van de Julianaschool bij hem een serie zegels heeft gesleten! Hij is nu eenmaal een zacht ei. Jullie kennen het verhaal van onze verkoper daarvan, die zelfs als we
geen eieren nodig hebben niet zonder een fooi van 2 euro vertrekt.
Ik weet niet hoe het met jullie zit, maar de keren dat ik iets op de post doe waar een postzegel op moet, is jaarlijks op de vingers van één hand te tellen, namelijk 2. In december gaat er een kerstkaart naar onze oude tante in Brabant, met de dringende oproep om er nóg een jaar tegenaan te gooien en idem een naar onze fantastische timmerman Cor die inmiddels ook de 90 nadert. Dit tweetal moet nog lang in leven blijven, wil ik die postzegels ooit kwijtraken!
Mijmerend over de postzegel en het verdwijnen van het nut daarvan, en oplossingen voor die van mij, zoals ze naar Emma brengen, een van de laatsten der Mohikanen die nog kaarten stuurt, moest ik denken aan die andere dingen die verdwijnen. Zo las ik in de krant over vergeetwoorden die dreigen uit te sterven omdat ze nooit meer gebruikt worden en hoe je bij het Gezelschap van Geadopteerde Vergeetwoorden een woord kunt aanmelden ter adoptie. De bedoeling is dat je je over dit woord moet ontfermen, het in gezelschap terloops eens laat vallen, en er zo voor zorgt dat het gehoord blijft worden.
Ik heb het woord
koekebakker aangemeld (ja, gewoon zonder n), wetend dat het in goede handen is bij mijn echtgenoot. Het is inmiddels al volop in gebruik bij onze kleinkinderen. Zelf heb ik de
lijst van vergeetwoorden op internet bestudeerd om een woord te vinden waar ík nu eens voor zou kunnen zorgen. Ik zie meteen dat er veel Toon-woorden bijzitten:
falderappes, gladjanus,
minkukel, kwibus, oelewapper, ik kan wel aan de gang blijven. Met mijn man zal ooit een heel vocabulaire uitsterven!
Na enig peinzen (
mispunt, echt een lekker meidenwoord,
niettegenstaande, nee, dat wordt een mooie voor Matthias) heb ik besloten het tweetal
bengel en
deugniet te adopteren. Ik denk dat ik die in een bepaald gezelschap wel zo nu en dan kwijt kan!
Nu nog een oplossing voor de postzegels. Dus jongens, niet verbaasd opkijken als je dit jaar een kerstkaart van ons ontvangt... Ik moet nog een hoop Sofía-crèchekaarten-voor-het-goede-doel van drie jaar geleden slijten!