Emma c.s. zijn op vakantie gegaan, de lange reist voert naar het Île de Re aan
de Franse kust. Emma wil onderweg graag regelmatig stoppen, maar de kinderen
niet. Matthias: “Nee mam, niet op een kleed in een veld....!”*
Maren speelt onderweg met haar poppen. Zegt de ene pop tegen de ander: “Ik
ga lekker op vakantie naar een huisje met geen bad en geen TV.”
Vlak bij hun bestemming zien ze een kerk met wat huizen eromheen. Matthias bekijkt
het gehucht vanuit de auto: “Da’s wel een gezellig dorp zo te zien.”
Op het strand, Maren: “Matthias, zullen we hier koning en koningin afspelen?” Hij: “Nee, want ik weet niet meer waar we gebleven waren. En we hebben geen koets.”
Mama heeft een etentje, maar Sofía wil opblijven tot ze thuis is. Ze zegt
tegen papa: “Je hebt kans dat ik straks ga huilen papa, als mama niet op tijd
thuis is.”
Camilo stoot bijna zijn bord om. Hij zegt tegen zichzelf: “Oei, dat was net
op tijd hè?”
Sofía tegen haar broertje: “Als je 4 bent, dan mag je naar school! En als
je 9 bent, dan mag je naar de middelbasis school!”
*Opa T, die zojuist een spiksplinternieuw picknickkleed heeft aangeschaft, heeft
laten weten Matthias te zullen onterven.

2 opmerkingen:
waarom laat Toon iemand onterven omdat HIJ een nieuw kleed heeft aangeschaft??
Gaat het niet altijd zo? Eerst leer je ze te waarderen wat je zelf waardevol vindt. Zodra dat bijna gelukt is, gaan ze juist waarderen waar je niets om geeft en zetten ze zich af tegen de waarden die je erin hebt gepompt. En dan, hopelijk, ooit, komen ze tot besef dat ze uit zelfde hout gesneden zijn... soms... misschien. Tja, kinderen, het blijven mensen en ieder mens is anders, maar appels vallen nooit echt heel ver van de boom, toch?
De vraag is of je eigen waarden echt wel zoveel waard zijn. Kinderen helpen je dat inzien.
Een reactie posten