zaterdag, oktober 10, 2020

Schrijfster-in-wording

In het kader van de kinderboekenweek heeft de bibliotheek, in samenwerking met de schrijver Michael Reefs, een wedstrijd uitgeschreven: schrijf een hoofdstuk voor een boek over een tijdreiziger die vanuit de toekomst naar 2020 wil terug wil komen. Is dat wel zo'n goed idee? Want wat komt hij dan allemaal aan gevaren tegen? Dat lezen we over een tijdje in 'Een reis terug in de tijd' (het eerste hoofdstuk hier: http://www.michaelreefs.nl/schrijfwedstrijd/hoofdstuk.pdf). Pien greep de uitdaging met beide handen aan, met het hoofdstuk hieronder als resultaat. Ze is vooral trots op het feit dat ze zich exact aan het maximum van 1000 woorden heeft gehouden.

Ik ging naar buiten en deed de deur achter me dicht. Wat was het heerlijk om weer buiten te zijn na al die tijd binnen werken. Ik dacht aan mijn vrienden, wat had ik die lang niet meer gezien! Terwijl ik naar de notenboom liep bedacht ik dat ik de eieren van de kippen nog moest rapen. Ik ging de kooi in en vond tussen de eieren een regenboogkleurig ding. Ik pakte het op en bekeek het goed, het leek wel een buis! Ik nam het mee naar binnen en dacht, die eieren kunnen wel even wachten. Toen ik op de bank zat begon ik het dingetje beter te bekijken. Ik zag iets bewegen en ik keek nog beter. Ik had eigenlijk een vergrootglas nodig, zo klein was het. Toen ik een vergrootglas had gepakt keek ik nog eens. Ik schrok me rot! Er zat een kleine jongen in de buis en ik vond ook een knopje aan de zijkant van de buis. Ik was nieuwsgierig naar wat er zou gebeuren als ik erop zou drukken, dus drukte ik er op. En toen ging alles heel snel: ik werd ineens kleiner of de buis werd groter, dat weet ik niet. Toen ik zo klein of groot was dat ik in de buis kon, ging ik erin. Wat ik toen zag was echt geweldig. Ik was in een cabine en ik zag de jongen, maar nu op normale grootte. Ik vroeg wat hij hier deed en hij zei dat hij moest uitvinden wat er allemaal in 2020 was gebeurd. Toen vroeg ik waarom hij dan naar dit jaar kwam, dit jaar was toch een vreselijk jaar met Corona, overstromingen, die ontploffing in Beiroet en de Australische bosbranden die ondertussen ook al in de Amazone waren. Hij zei dat 2020 in het jaar 2134 – het jaar waar hij woonde – uit het internet was verdwenen en ik moest helpen. Ik vroeg waarom andere kinderen hem niet konden helpen. Hij zei dat hij per ongeluk hier terecht was gekomen. Toen vroeg ik hoe oud hij was en hoe hij heette. Hij was 16 en heette Mike. Mike vroeg aan mij hetzelfde en ik zei dat ik 12 jaar was en Maya heette.
Ik moest alles even op een rijtje zetten: 1. Er was iemand hier die ervoor wou zorgen dat 2020 in 2134 niet van het internet zou verdwijnen. 2. Ik was in een regenboogkleurige buis. 3. Ik moest Mike helpen. Hij zei dat ik mee moest naar zijn tijd, maar ik twijfelde. Ik zou mijn vader, moeder, broertjes en zusje toch niet achter kunnen laten? Ik besloot toch mee te gaan, maar niet nadat ik een briefje had achtergelaten voor mijn ouders, zodat die niet ongerust werden:

Maak je geen zorgen over mij. Ik ben alleen maar even naar de toekomst om 2020 niet van het internet te laten verdwijnen J
Groeten PV…

Halleluja wat een gedraai! Ik was in de toekomst. Bij aankomst draaide ik nog een beetje alsof ik dronken was. Toen ik niet meer duizelig was, keek ik om me heen en zag heel rare dingen. Bijna alles werd door robots gedaan en ik zag overal afval, zelfs nog meer dan bij ons! Nou, dat gebeurt er dus als we niks aan het afval doen.
Mike nam me mee naar het plekje waar de wetenschapper Pekko woonde. Hij had ervoor gezorgd dat Mike me doodleuk mee naar dit tijdperk nam. Toen werd ik boos. “DUS JIJ WOU DAT IK MET HEM MEE KWAM NAAR DIT TIJDPERK!?” Toen ik ‘hem’ zei, wees ik naar Mike. “DUS JIJ WOU DAT IK MIJN OUDERS IN DE STEEK LIET ALLEEN OM 2020 OP HET INTERNET TE ZETTEN! DAT WOU JIJ HÈ?!  JIJ HEBT MIKE GESTUURD!”
“Ja,” zei Pekko kalm. Eigenlijk was ik verbaasd dat hij zo kalm bleef terwijl ik zo aan het razen was. Ik probeerde nu ook kalm te klinken, terwijl ik vanbinnen nog steeds raasde en vroeg: “Nou, wat moet ik doen om te helpen?”
“Je moet met Mike mee naar de mensen van het internet, maar pas op, die mensen zijn niet bepaald vriendelijk!” Dat maakte onze missie spannend, want als we naar mensen moesten die niet vriendelijk waren, dan werd het linke soep. Toen pas merkte ik dat ik honger had. Ik vroeg of er wat te eten was. Er was soep, plastic soep.
Na mijn maaltijd plastic soep – best lekker – gingen we verder. Ik zag heel veel mondkapjes en plastic handschoenen liggen. Als ik thuis was zou ik meteen beginnen met het opruimen van de straat - ik kon er altijd nog soep van maken. Op een gegeven moment stonden we bij een huis dat ik heel goed kende. Ik riep: “Hé, dat is mijn huis, maar dan in de toekomst!” Toen we binnen waren hoorden we iets kraken. Ik schrok me rot! Ik zag een mevrouwtje van ongeveer 117-en-driekwart jaar oud van de trap af komen. Ze had heel weinig grijs haar, in tegenstelling tot haar rimpels, wat die had ze overal. Ik vroeg hoe ze heette. Ze zei: “Ik heet Neeltje.” Ik vroeg ook naar haar achternaam. Dat was Vermeer. Toen bedacht ik dat ik ook een zusje had die Neeltje heette. Ik vroeg of ze ook nog 2 broers en 1 zus had gehad. Ze knikte. Ik vroeg hoe die heetten. Ze zei: “Mijn broers heetten Jeppe en Flinn en mijn zus heette Pien.”
“Maar dan ben jij mijn zusje,” riep ik uit, “alleen dan 115 jaar ouder!”
“Maar jij heet toch Maya?” vroeg Mike.
“Nee,” zei ik, “dat was alleen een schuilnaam, omdat ik niet wou dat jij wist hoe ik echt heette.”
Ik draaide me weer naar mijn oude zusje: “Neeltje, hoezo staat 2020 niet op het internet?” vroeg ik.
“Nou, omdat dat zo’n stom jaar was dat ik niet wilde dat iedereen wist wat er dat jaar was gebeurd,” antwoordde Neeltje.
“Dan snap ik het,” zei ik.
We liepen terug naar de tijdmachine en ik ging terug naar mijn kleine zusje in 2020.

4 opmerkingen:

Erik zei

Pheew - nu ik vraag me af, hoe heet onze Mike echt?

Jeroen zei

Wauw! En dan ook nog eens (ik heb het niet nageteld, maar geloof het meteen) precies 1000 woorden! Knap hoor!

Beppie zei

Wederom een pracht van een verhaal, met spanning én ironie! Bedankt Pien!

Michael zei

Ik heb het natuurlijk wél nageteld: exact 1001 woorden geeft Word aan, maar die telt de gebruikte smiley óók als een woord. Goede naamkeuze!