De tekst die Margriet heeft uitgesproken
Lieve mensen
bedankt dat jullie allemaal hierheen zijn gekomen. Ik ben Margriet en ik wil met jullie een beetje over ons pap mijmeren. Ik denk dat jullie het verhaal moeiteloos kunnen aanvullen, maar ja, Ãk heb de microfoon. Ik doe eerst een kort stukje in het Engels vanwege de Engelse familie die hier aanwezig is, maar de rest gaat gewoon in het Nederlands.
Dear family, we very much appreciate that you have travelled all this way to be with us today. We have received many mails from relatives in England and Australia. I quote our cousin Marie Dye: Remember many happy days embraced in the love and warmth of Uncle Adrian. I passed on the news of his passing to mum and dad, Marj and Lyn van Pelt. Although dad suffers from dementia he remembers the family well. He was very quiet, but understood. They asked me to pass condolences to all the family.
I´ll continue in Dutch now.
Op het bidprentje dat jullie straks krijgen staat dat ons pap op het seminarie heeft gezeten. In zijn tijd was dat doorstuderen. Hij was dan ook een hartstikke slimme jongen en later dus een intelligente man. Maar een seminarie levert geen diploma en dat heeft hij in zijn werkende leven erg gemist. Hij zat daarom alle kinderen achter hun broek “ doorleren … als je het maar goed doet op school ... rapportcijfers” en hij was zelfs blij met een zwemdiploma. Wij waren best een beetje bang van hem en Beppie heeft zelfs een hele zomervakantie haar rapport achtergehouden. Met minder dan een acht nam hij geen genoegen.
Het gevolg is dat zijn kinderen en alle veertien kleinkinderen en nu zelfs zijn eerste achterkleinkind (van de zestien) allemaal dóórleren. Dat kon, want wij hebben natuurlijk allemaal die intelligentie geërfd. Maar het meest bijzondere was dat hij ook de meisjes naar de HBS stuurde. En dat in de vijftiger jaren, toen alle andere meisjes zo snel mogelijk huisvrouw werden. We hebben mede dank zij hem financiële onafhankelijkheid gekregen.
Hij was ook erg zuinig. Maar wel goudeerlijk. Zo beviel hem het werken bij de belasting niet. Hij had een hekel aan de rijke boeren die onder hun aanslag uit probeerden te komen, maar die op zondag wel “voorin de kerk zaten”, zoals hij het zelf zei. Als chef-inkoper bij Van Geel ging hij even zuinig te werk als voor zijn eigen portemonnee. Hij was een geducht onderhandelaar en wij namen hem altijd mee als er een huis of een auto gekocht moest worden.
Ja, eerlijk, ook dat is doorgedruppeld in je afstammelingen, pap. Alleen noemen onze partners dat `wel erg direct´.
Bij ons pap hoort ook het woord ´eigenwijs´. Ik lees een stukje voor dat Michael vorig jaar publiceerde op TeLandTerZeeTermeer:
Eten bij opapa, bij wie we toch vaak vlekken op z'n blouse zien:
"Pa, ik ga m'n servet voorhangen, anders knoei ik misschien wel."
"Ja, doe maar."
"Lijkt me voor jou ook geen gek idee, anders heb je straks vlekken op je blouse."
"Nee, dâ gebeurt nie."
"Maar..."
"Onmogelijk!"
Opapa houdt het inderdaad droog bij de soep en de hoofdprut, maar bij het toetje gaat ie voor de bijl.
"Je hebt geknoeid, pa."
"Dâ kan niet!"
"Ik veeg het even op een servetje. Zie je?"
"Verrek."
"Weet je pa, soms vraag ik me wel eens af, van wie ik toch mijn eigenwijsheid heb."
"Nou...van mij in elk geval nie!"
Ons pap was ook hartstikke praktisch. Hij zat in zijn werkhok en later in zijn sousterrain en maakte dingen. Hij was te zuinig om veel dure materialen te kopen en gebruikte vooral wat hij al had liggen. Daarom lukte niet alles even goed. Zo maakte hij een kast die niet waterpas stond. Een ladekast waarvan de laden niet dicht konden of als ze dicht waren konden ze niet meer open. En legendarisch is zijn serie Friese staartklokken die de tijd niet aangaven. Heel bijzonder was, dat hij ook allerlei gereedschappen zelf maakte, voor elk klusje had hij wel wat. Richard heeft van alles van hem verzameld en gefotografeerd. Helaas wist hij zelfs zelf niet meer waar sommige dingen goed voor waren. Maar het is een heel mooi fotoboek geworden en het ligt straks bij de koffie.
Zijn allergrootste en meest dierbare project was zijn tuin. Werkelijk hele decennia heeft hij erin doorgebracht. Hij deed alles zelf, de bloementuin, de moestuin en de boomgaard. De vijver. De inrit en de trap naar het balkon. Hier lag zijn hart.
Toen wij, de kinderen, het huis uitgingen, bleef hij ons helpen. Bij de een bouwde hij een schuur, bij de ander een schutting. Dit was een vader die alles kon. Alleen als hij kwam snoeien moest je een beetje oppassen. Hij deed dat namelijk erg goed. `Het groeit voor niks` was zijn staande uitdrukking, maar bij struiken en bomen duurt dat wel lang.
Kleinkinderen zeiden op de vraag waar ze aan moesten denken bij opa spontaan: dan denk ik aan nannan. Zij was veel aanweziger dan ons pap die als het druk was – en dat was het vaak – de kelder in dook. Ons pap miste haar verschrikkelijk en wij ook en dubbel op een dag als vandaag. Daarom wil ik eindigen met een gedicht dat papa zelf schreef aan mama. Ja, hij hield veel van poëzie en ook dat vond ik bijzonder. Het is geschreven ongeveer 2 jaar nadat ons mam is overleden. Hij noemde het Azalea.
Jouw voorjaarsbloem staat weer in bloei
Kom gauw 'ns kijken, Bep
voor ze zijn uitgebloeid en
neem mij gelijk ook mee
want ik weet de weg niet
naar waar jij bent.
Ik sta al heel lang klaar.