maandag, januari 05, 2015

Visschotel met kabeljauw

Nodig (4 à 5 personen, gerecht is eenvoudig in te vriezen):
- 1 diepe ovenschotel met deksel
- 2 pannen
- ca. 600 á 800 gr (diepvries-)kabeljauw. AH heeft een budget-zak biologisch met stukken vis. Vierkante blokjes zijn duurder, maar stapelen wat beter.
- 2 stukken brie (niet te vet, pak een budgetvariant)
- 1 zak Parijse worteltjes
- 2 stronken prei
- 1 bakje crème fraîche
- viskruiden
- dille
- peper
- let op: géén zout! De brie is zout genoeg en in de viskruiden zit ook zout.
en voor de tagliatelle
- visbouillonblokje
- 1 pak biologische tagliatelle


Gooi de worteltjes in een grote pan met een laagje water. Gooi daar de gewassen en aan stukken gesneden prei bij. Even aan de kook laten komen en 10 minuten laten koken, vocht afgieten in pan voor de tagliatelle. Vet de ovenschaal in, leg eerst een laagje groenten. Daar bovenop een laag vis: gooi wat viskruiden op de vis. Daar bovenop een laag brie, aan stroken gesneden. Daar bovenop de crème fraîche en ten slotte de vers gemalen peper en wat dille. Deksel erop.

Oventijd combinatie-magnetron:
- indien je het al van tevoren hebt klaargemaakt en de vis al ontdooid is: oven op 150 en magnetron op 360, 30 minuten. Voor bruin korstje daarna even de deksel eraf en oven wat warmer.
- indien de vis nog bevroren is, wat langer in de oven, 40 minuten.
- indien je geen combinatie-magnetron hebt: geen idee. Als de vis gaar is, is het gerecht klaar.

Tagliatelle: de pan met kookvocht aanvullen met voldoende water en visbouillonblokje, verder tagliatelle maken volgens voorschrift.

Alles redelijk simpel, twee valkuilen:
- vis is niet gaar (altijd even kijken, ik ken jouw oven niet);
- bovenkant té bruin (bij mijn oven gebeurt dat als ik hem op 200 zet.


zaterdag, januari 03, 2015

Af!

Met dank aan alle ingevlogen puzzelaars kan ik nu weer gewoon aan het werk.


Domme domme

Aangeleverd door Emma:

Matthias, na het tandenpoetsen: "ik ook spoelen?"
Emma: "nee, spoelen is niet voor kleine kindjes."
Matthias (2 jaar en 3 maanden): "maar wél voor grote jongens!"

vrijdag, januari 02, 2015

Toekomstig kampioen!

Als een ware Hollandse jongen is Matthias deze week door zijn vader op de Goudse schaatsbaan gezet. Daar ging het van zeer krakkemikkig...



... tot een paar stukjes helemaal los. Mét authentiek Hollandse snottebel! Totdat hij, boven alle herrie van de schaatsbaan uit, de belletjes van de koning hoort. 


Eenmaal per half uur speelt het carillon van het Goudse stadhuis een vaste melodie, gaat er een deurtje open en komt er een poppenspel naar buiten, met de koning voorop die de Goudse burgers de stadsrechten overhandigt. Naast het draaiorgel en Aad Doedelzak is dit zijn favoriete uitstapdoel.

Vier uniformen! Wie zijn dat?

Zo. Dat jaar zit er op. En zo kleedde de familie zich in 2015:



zaterdag, december 27, 2014

SNOW!!!
Dat was lang geleden! Ik meen dat er vorig jaar in November wat  natsel naar beneden kwam, daarna werd het al snel lente.Vanochtend was het goed raak, 10 cm op de brievenbus, de auto was zowat onzichtbaar en er woei een stormwind van jewelste. Ik durfde in het donker niet met twee honden naar ons pis-en-poep-paadje, we hebben die behoeftes rond zeven uur maar in de tuin gedaan, al vond Zebbie dat maar niks!  In het park waren jochies al bezig met vuurwerk: PETS!!!!!! BAMMMM!!!!! En dat vele malen herhaald. Al vroeg de deur uitgeschopt, zo te horen. Later, toen het licht was, maakten we alsnog een rondje rondom het ven. De vuurwerkers waren nog steeds bezig. Eentje zag ik van dichtbij:  geen vuurwerk, nee, maar het afbreken van takken, beladen met sneeuw! Thuisgekomen zocht ik alvast allerlei materiaal om sneeuw te gaan ruimen, voor het paadje naar de voordeur, voor het dak van de serre en uiteraard voor de schotelantenne, want als daar sneeuw op zit, dan doet de tv het niet! Gewoonlijk maakt buurman René het voordeurpaadje schoon, maar hij is is op vakantie, jammer, nu moet ik het zelf doen. Terwijl ik mijn laarzen weer aantrek hoor ik in gedachten het vertrouwde geschraap... In gedachten??? Niks hoor, dit is echt!!! Blijkt het doornatte buurman Peter van drie deuren verderop! De lieverd! Ik ga hier echt nooit en nooit verhuizen!

vrijdag, december 26, 2014

Domme Domme

Matthias heeft deze maand van ons de namen van twee appels geleerd, de favoriet van opa T en de favoriet van oma B. Hij heeft ze goed onthouden.

Matthias, wijzend naar de fruitschaal: "Kijk mama, Cox Oranje!"
Emma: "Ja, dat lijkt inderdaad wel een Cox Oranje".
Matthias: "Maar ís Elstar!"

Ook deze generatie doet zijn best de namen van de kerststal-figuren te leren. Matthias zegt: Maria en Jovus!

And a merry Christmas to you too!


donderdag, december 25, 2014

Mijn schoonzoon



Ik heb een heel dappere schoonzoon. Ik bedoel die ene, die getrouwd is met mijn jongste dochter. Zijn dapperste daad verrichtte hij overigens nog voordat ik hem leerde kennen en die liep goed voor hem af, hij kreeg haar te pakken. Misschien dat hij daarom sindsdien wat eh... overmoedig is geworden?

Drie verhalen over dit heerschap.

Het eerste is al eens eerder in onze familiekrant beschreven, die keer dat er bij Em & M midden in de nacht een inbreker aan de achterdeur morrelde.  Het paar bewoonde in die tijd een appartement op de begane grond, het morrelen werd dus opgemerkt. Mijn schoonzoon sprong onverwijld uit zijn bed, begaf zich naar de keuken en zag hoe een junk zich vanuit de achtertuin toegang tot hun appartement poogde te geven. Plotselinge woede om deze wederrechtelijke daad kwam tot uiting in een forse vuistslag in de richting van de binnendringer. Die bevond zich op dat moment echter nog buiten, waardoor de vuist dwars door het raam van de achterdeur ging...

Het tweede verhaal speelt zich af op kampeervakantie in Italië, alwaar zijn Emma zich in badpak in de plaatselijke zwemvijver had begeven. Precies op dat moment verschenen vier opgeschoten Italiaanse jongemannen bij de vijver, die met stenen begonnen te gooien naar eveneens rondzwemmende eenden. Emma schrok ervan.  Als een waternimf kwam ze omhoog uit het water en deed in haar beste Engels een beroep op de mannen om te stoppen met gooien naar die hulpeloze diertjes. Maar wat zag ze daar ineens in haar linkerooghoek?  Daar kwam warempel nóg een steen aan! Deze vloog in de richting van de jongens. De werper? Mijn schoonzoon die al briesend klaar stond om deze laffe lieden een koekje van eigen deeg te geven. “En je moet weten mama,” zei Emma later, “het waren vier stevige kerels, en dan M met zijn vel-over-been-lijf van 70 kilo in een zwembroek.... Ik zag die vier ineens allemaal tegelijk met hun hoofden naar rechts draaien. “  Ja, het liep toen weliswaar goed af, maar het had voor hetzelfde geld heel erg fout kunnen gaan!

Derde geval, afgelopen dinsdag 22 december in een parkeergarage in Haarlem. Em & M kwamen van een receptie, op weg naar hun auto. Onderweg op de trap werden ze gepasseerd door een boomlange kerel met grote haast en een integraalhelm op zijn hoofd. “Kijk, we worden ingehaald door een overvaller,” zei M nog, grappend. Die overvaller zagen ze, op de juiste verdieping aangekomen, een eindje verderop een blonde vrouw beetpakken en iets in haar gezicht spuiten. Dat bleek later een bijtend zuur te zijn. Wat was dit? Een toneelstuk? De vrouw rende op Em & M af, om hulp roepend, de man ging er onmiddellijk vandoor.  Hevig geschrokken deed Emma haar best om de vrouw naar beneden te helpen tot de ambulance, politie en brandweer arriveerden. Maar daar hebben we het nu even niet over.  Want eh, enig idee wat haar echtgenoot in die tussentijd deed?

Ja natuurlijk! Achter die kerel aan en wel onmiddellijk, op zijn pas gepoetste Van Bommel-schoenen en in zijn beste pak. Gelukkig was de man niet meer te achterhalen. Wat-ie anders van plan was geweest? “Ik wilde die vent eens goed op zijn bek slaan,” zei mijn schoonzoon later bescheiden. Jaja. Wij zien het al voor ons: zelf 70 kilo wegen en dan een reus van twee meter met een fles zoutzuur in zijn bezit op zijn bek gaan timmeren.  Aiaiai! Want dan nét even vergeten zijn dat-ie daar een integraalhelm omheen had zitten....!




Vrolijk Kerstfeest iedereen!


woensdag, december 24, 2014

Kerstreis

Na 12 uur vliegen plus een overstap in Panama, zijn de Ypenburgers dinsdag veilig en wel in Medellin aangekomen, waar ze kerst, Oud & Nieuw én vakantie gaan vieren.


Kreeg Sofía vorig jaar van de directe buren in het vliegtuig nog een applausje wegens onberispelijk gedrag, dit jaar heeft ze (iets) meer van zich laten horen. Ondanks een peperdure eigen stoel mét extra beenruimte, heeft ze tijdens de reis geen oog dicht gedaan en haar ouders dus ook niet.... Alles werd uit de kast gehaald: flesje, slaapzak, zingen, lopen, maar niks hoor, klaar wakker. Ze viel pas in slaap bij het taxiën na de landing in Panama.


Tijdens het laatste stukje naar Medellin ging het iets beter. Ze wilde zo graag slapen maar kon niet haar plek vinden in het vliegtuig, te krap, te warm, niet goed kunnen liggen... Ze zei steeds met haar oogjes dichtgeknepen: ik wil lekker slapen in bedje. En: ik wil naar nieuwe huis!


Het laatste nieuws is dat ze het in het huis van haar abuelos Romy en Samuel helemaal naar haar zin heeft, met name met het oude speelgoed van haar tia Sara en tio David.




maandag, december 22, 2014

Song van de maand

Over het nieuws van de afgelopen jaar (ebola, IS, Rusland etc.). Hier een luistervoorbeeldje uit de repetitie van Wooden Ships. Het eerste liedje dat onderbroken wordt met een reclameblok?


Top stories


What is on the news today?
Hold your breath, viral death
Out on the streets and creeping up to you
Oh, thank God, it’s far away

What is on the news, oh dear
Mind your head, Islamic lads
Waving flags, come to slaughter you
Oh, thank God, it‘s nowhere near

    And all the items that are making up our news 
    The scenes of madness, the apocalyptic views 
    Give way to game shows on our celeb TV zoo 
    Reduced to sidekicks in our daily fun revue

What is on the news today?
Russian troops, science scoop
Trouble in Uganda, baby panda
Facebook fake, tectonic quake
And more and even more will come your way
In just a minute, after the break

     commercial break 
     Your life is imperfect 
     You will have a nice house if you drive this car 
     Your life is imperfect 
     You will have lots of friends if you drink alcohol 
     Your life is imperfect 
     You will have a slim waistline if you wear this scent 
     Your life is imperfect  
     You must really come to Africa and see some genuinely poor people

What is on the news today?
Hold your heart, maybe art
Surely music can comfort you
And play the gloom away

    some desperate singing to conclude this song 
    Ladida etc.

Daar kom ik!

Ik herinner me dat er een bericht op de blog verscheen, waarin vermeld werd dat Elsa al kon lopen, vroeg voor haar jonge leeftijd. Iris 'loopt' ook graag, maar heeft wel nog wat hulp nodig. Om de beurt, gefilmd door Marijntje en Femke, mag de vrolijke Iris op schoot bij Femke en Marijntje. Vaste prik: "daar kom ik!!!"

zondag, december 21, 2014

Domme dommes

Pien heeft een jongetje in de klas met twee papa's. We vragen er een beetje over door.
"Heeft hij dan ook twee mama's?" Nee, dat is niet het geval. Hij heeft twee papa's en één mama.
"Maar als hij twee papa's heeft, dan heeft hij toch geen mama meer nodig?"
"Jawel, om te poetsen en te stofzuigen!"

Jeppe wil dat Ama een boekje voorleest, maar Ama zit nog te lunchen.
"Ik doe het zo, Jeppe. Ik eet eerst nog even een boterham, want ik moet nog een beetje dikker worden."
Jeppe kijkt even kritisch en zegt dan: "Je bent al dik!"
Op de vraag of papa ook dik is, knikt Jeppe bevestigend. "Maar," voegt hij er snel aan toe, "mama is niet dik!"

Pien en Jeppe spelen samen een spelletje 'Wie is het'. Door het stellen van slimme vragen, moet je raden welke persoon bij de ander op z'n kaartje staat. Jeppe stelt hele slimme vragen: "Pien, heeft die van jou een grote neus?"
"Jeppe, dat heb je net ook al gevraagd. Stel maar een andere vraag."
"Pien, heeft die van jou een kleine neus?"
Even later is hij weer aan de beurt: "Pien heeft die van jou een bril?" Ook dat heeft hij net al gevraagd, dus hij stelt een andere: "Pien, heeft die van jou ogen?"

Pien is verwoed aan het poetsen. "Oh nee, Ama, er is een ramp gebeurd!" Er liggen twee hagelslagjes op de grond...

Pien: "Mama, als ik twaalf ben en jij bent dan nog niet dood, dan zijn er twee mama's!"
Ik, ietwat geschokt: "Hoezo, Pien?"
"Als ik twaalf ben dan word ik mama, want ik heb een toverlijf!"

In de auto zingt Jeppe een liedje dat ze samen in de zomervakantie bedacht hebben: "Rood en blauw, rood en blauw, samen hebben wij veel plezier!"
Pien: "Oh Jeppe, jij hebt een toverhart, want jij hebt dat zo goed onthouden!"

Pien zit op dansles, maar beleeft er geen plezier aan. Na vier keer houdt ze het voor gezien. Ze wil er niet meer heen. In een opvoedkundige bui leg ik haar uit dat ze dan nooit meer op dansles mag, ook niet als ze groter is en wel weer wil. Een beetje boos mompelt Pien: "Als ik groot ben, ben jij toch dood."

Pien zingt Jingle bells. Later zingt ze een alternatieve versie:
Jingle bells, jingle bells, jingle all the way
Iedereen kan voetballen, behalve Pee Es Vee, hee!

zaterdag, december 20, 2014

Krijg nou wat!?

Mijn werkplekje bij de computer. De lege stoel, daar lag poes éérst. Ik had haar met stoel en al in de hoek geschoven en ik had een andere stoel gepakt om achter de computer te zitten. Nu kom ik terug van even weggeweest - heb de was even in de droger gedaan - en kijk nou?! Mijn billen ruiken vast heel lekker.

vrijdag, december 19, 2014

BLOOT/VLEES: SAMEN NAAR DE ONDERGANG!



RECENSIE
Wie het boek nog niet gelezen heeft en dat nog wel van plan is, die moet het lezen van deze recensie nog maar even achterwege laten, omdat onthuld wordt hoe het afloopt!

Het verhaal in Bloot/Vlees, recent verschenen roman van de debutant Jeroen Bevers, speelt ergens (ver) na het jaar 14.500. En het spreekt dat het leven op aarde in die tussentijd niet heeft stilgestaan. Sterker: de rol van mens en dier zijn compleet omgedraaid. De mens is bloot, hij/zij wordt misbruikt en gegeten. Het dier gaat gekleed en eet, inderdaad, mensenvlees.

In ‘cyclische doch onregelmatige tijdsspanne’  zijn heerschappijen gekomen en gegaan. Ooit waren het de grote reptielen die ‘de baas’ waren op de aarde, maar ‘het tij keerde’ en tenslotte kwam de macht in handen van de mens. ‘Dat was zo’n vijfentwintigduizend jaar geleden. Jawel, toen hadden wij het voor het zeggen op Aarde.’ (blz.51-52).  Maar helaas, ruim 12.500 jaar geleden ‘ging het mis en verloren we alles wat we hadden opgebouwd. We verloren het aan de diergroep die het daarna op Aarde voor het zeggen kreeg.’(blz.52)

Van de hoofdpersonen in dit verhaal, leden van het gezin Ankker, zonder enige twijfel behorend tot deze machtige diergroep, wordt het uiterlijk niet beschreven, al is er van meet af aan sprake van lange armen en lange benen. We moeten het met hun dierennamen doen:  Osiris Ankker is een mannetje, Isis een wijfje, Juveniel is hun tienerjong en hun jongste nakomeling heet Jong.  Mogelijk komt er in dit gezin nóg een jong, de gewenstheid van deze maar moeizaam tot stand komende nieuwe zwangerschap is een van de steeds terugkerende gespreksonderwerpen in het boek.

Nog één ander personage komt ter sprake: Adolescence, een vriendje van Juveniel, iemand die ‘geen school meer’ volgt (blz.21) of die ‘een paar klassen hoger’ zit (blz.67) en van wie gezegd wordt dat hij begaan is met dieren en actief voor het Wereld Natuurfonds.  Juveniels ouders hebben het niet zo op die vriendschap, ze vinden hun dochter nog te jong voor de liefde. Bij het slot speelt Adolescence nog een kleine rol: over hem wordt gezegd dat hij Osiris heeft geholpen bij het redden van Jong.

Wat voor dieren deze personages zijn blijft voor de argeloze lezer lang onduidelijk.  We krijgen op blz. 143 en 146-147 ineens een sterk vermoeden dat het misschien om waterdieren gaat, maar de omgeving waarin ze leven is voor ons mensen te alledaags en te herkenbaar om de paar aanwijzingen die op een totaal andere habitat wijzen, als lezer meteen in je op te kunnen nemen.  

De personages leven namelijk geheel zoals wij leven: ze wonen in een huis, zitten op stoelen aan een tafel, hebben een keuken waar eten uit de koelkast komt en de spullen - glaasjes, borden, pannen - uit het keukenkastje. Ze eten vlees, zoetwaren, boter, kaas en stukjes fruit en drinken melk, gebruiken bestek en doen het licht aan en uit. Het Jong wordt voorgelezen uit boekjes met plaatjes van knuffelmensjes. Ze slapen in een pyjama in een bed op de eerste verdieping.

Hun maatschappij is georganiseerd zoals de onze: er is sprake van een overheid, een ziekenhuis, ziektekostenverzekeringen, men gebruikt medicijnen - of niet, want sommige zijn ‘stervensduur’- , zaken zijn ‘wetenschappelijk onderbouwd’, er kan gevaren, gereden en gevlogen worden, er zijn telefoons, er is internet in huis en er zijn radiosignalen, men kijkt naar een balletvoorstelling op internet, volgt het nieuws op het journaal, er is nieuws van de Noordpool, Europa en Canada, en ook in deze wereld zijn er oorlogen tussen Israëli’s en Palestijnen.

Osiris heeft betaald werk - gehad, want hij blijkt te zijn ontslagen - als ambtenaar in de Ongediertebestrijdingsdienst, op zijn visitekaartje staat de titel van ingenieur.  Zijn wijfje Isis heeft ooit gewerkt in de jongopvang, elders wordt ze ook beschreven als voedingsdeskundige. Dochter Juveniel volgt onderwijs via internet en het kleine Jong zit in de box.

De personages doen de dingen die wij ook doen: ze maken ommetjes door de ‘Oosterstraat’, gaan langs de bakker, de supermarkt en de slager en moeten uitkijken voor het verkeer. Juveniel ging tot voor kort nog naar school - nu zou dat, met een verwijzing naar ‘de Grote Voorspelde Verandering’ (blz.20), te gevaarlijk zijn geworden. Ook maakten ze voorheen boswandelingen, ze gingen naar het strand en naar de mensentuin waar ‘lilliputters’ en ‘pygmeeën’ te zien zijn, ‘reuzen, giganten, titanen, cyclopen’, maar ook ‘woestijnmensen, nachtmensen, vleermensen en zeemensen’.

Er is sprake van een natuur waarin mensen én dieren leven. Dieren die genoemd worden zijn: vogels, mieren, termieten, bevers, dolfijnen, zeehonden, vissen en kwallen.  Mensen blijken alom voorkomend op deze aarde en vooral ook multifunctioneel:  ze leven niet alleen in mensentuinen als bezienswaardigheden, maar ook in het wild. Er zijn gedomesticeerde mensen  - ook de Ankkers hebben niet nader beschreven huismensen - en sommigen begeleiden, vastgebonden aan een riem, brailleboekjes lezende blinden over straat. Mensen met grote borsten leven als melkvee in boerderijen, mensen met ‘dikke kwabben’ zijn slachtvee op fokkerijen en er zijn proefmensen in de laboratoria.  De begeleiders van al deze mensen worden ‘baasjes’ of ‘boeren’ genoemd, het is onduidelijk of deze baasjes en boeren ook tot de diersoort van Osiris en Isis behoren, de soort die de Aarde al ‘millennia lang’ (blz.34) overheerst, al lijkt dat wel voor de hand te liggen.

In het begin van het boek maken we kennis met het gezin van Osiris en Isis. Alle hoofdstukken hebben de naam van een van de dagelijkse eet-momenten van de dag, van ‘het middagmaal’ tot ‘het slaapmutsje’ en het gezin zit inderdaad voortdurend aan tafel of is bezig met tafel dekken of de boel weer afruimen. Intussen babbelt en ruziet men zoals alledaagse gezinnen babbelen en ruzie maken. De ouders bespreken de mogelijke en gewenste derde zwangerschap van wijfje Isis, ze tobben met hun dwarse tiener die vindt dat ze niet genoeg aandacht krijgt van haar ouders, bespreken de onbehandelde tumor die Osiris onder een arm heeft zitten en nemen de toestand in de wereld in ogenschouw. Maar jongens, jongens, wat voor een toestand is dat!

Meteen in het begin van het verhaal wordt het de lezer duidelijk dat er buiten een groot gevaar dreigt, waar de vader uit hoofde van zijn voormalige functie meer van weet dan zijn vrouw en dochter. Het behaagt Osiris zeer die kennis over zijn gezinsleden uit te spreiden, zoals vaders overal ter wereld nu eenmaal graag doen. Want er staat de aarde niet zomaar iets te wachten, nee, het is de Apocalyps zelf die nadert. Het einde der tijden. Oorzaak is de wispelturige zon. ‘De zon zal meer hitte en straling naar de Aarde sturen,’ legt de vader uit. ‘De Aarde reageert hierop met aardverschuivingen, vulkaanuitbarstingen en allemaal van dat soort rampen.’ (blz.24)

De moeder kan zich er niet bijzonder druk om maken, ‘allemaal Toeval’, ze heeft andere dingen aan het hoofd. De dochter is nieuwsgierig en wil graag oplossingen bedenken. Maar ook de alleswetende vader gedraagt zich niet naar de dreigende beelden die hij zijn familieleden voorschotelt. Osiris wekt op de lezer de indruk dat hij liever over de verwachte veranderingen praat, en met zijn grote kennis snoeft dan dat hij zich werkelijk zorgen maakt. Zo oreert hij wat af over ‘andere soorten die het stokje van ons zullen overnemen’(blz.34)  en dat het gezin zich  zal ‘moeten aanpassen aan het leven dat past bij de onderworpenen. We zullen gaan afzien van onze luxe (...) en voortaan verder door het leven gaan met het meest minimale dat we maar nodig hebben.’ (blz.63)

Intussen blijft hij onbekommerd tafels dekken en afruimen, als hij al niet rustig zit te eten, een heerlijk mensenhaasje met fruit-de-terre bijvoorbeeld (blz.110), en dan is er ook nog eens die mogelijke zwangerschap van zijn vrouw die speelt, en haar periodieke misselijkheid, en de nog onbekende uitslag van het onderzoek naar zijn tumor. En waar is zijn dochter zo ineens heen gegaan? Nog wel mét medeneming van het... waterpak?

Nee, de wereld mag dan binnenkort vergaan, sterker: de eerste verschijnselen zijn er al en hun huis verliest in een reuzenstorm alvast het dak en de bovenste verdieping, er zijn waarachtig nog wel andere zaken waar deze heer des huizes zich op dat moment mee bezig wenst te houden.  Beschouwingen over al dan niet vlees eten bijvoorbeeld en de rol van smaakversterkers in de ‘humanaham’,  over het aanstootgevende gedrag van de machoman in de mensentuin of het ruime gebruik van zoetstof met E-nummers door de tienerdochter.

Eén ding wil Osiris wel doen:  halverwege het boek kleedt hij zich uit, niet alleen om alvast te oefenen hoe het zal zijn om een wild en door anderen overheerst dier te zijn, maar ook om tijdens de Grote Omwenteling niet op te vallen als intelligent wezen  - de andere dieren én alle mensen zijn immers bloot. En hij bekwaamt zich in het eten zonder bestek, ‘terug naar de basis, net als in het wild.’ (blz.124)

Maar Osiris is niet de enige in het boek die de grootse veranderingen met meer praat dan daad tegemoet treedt. De passages over de Ankkers worden afgewisseld met cursief gezette passages waarin - anonieme - mensen aan het woord komen, zoals een proefmens die de toestand in de wereld in beschouwingen overziet en tot de conclusie komt dat er werkelijk niets deugt aan hoe het allemaal geregeld is in 14.500: de behandeling van proefdieren/mensen, de jacht, de omgang met de natuur, het doorfokken van dieren, leegvissen van oceanen en kappen van regenwouden, het plastic afval in de zeeën, hoe alles draait om geld enzovoort.  Nee, als de mensen maar weer eens aan de macht zouden komen, wat zouden zij alles niet veel beter doen!

Meer mensen komen in steeds meer cursieve passages aan het woord. Allen zijn, ondanks hun reeds eeuwen geleden kwijtgeraakte suprematie, duidelijk nog altijd voorzien van een complexe intelligentie en zij beschouwen om beurten hun verschillende manieren van leven. De huismens is duidelijk tevreden onder de hoede van zijn baasje, maar de vernederde fok- en melkmensen zoeken hulp bij een opperwezen, zij verlangen naar een ‘verlosser’ of minstens naar een boot zoals die van ‘Boa’ om hen te redden in de naderende zondvloed.  Zij refereren aan de geloven van hun baasjes, die boeken hebben over de Almachtige, de Heer, Allah, Brahman en Jahweh.

Het moge duidelijk zijn: Bloot/Vlees is een boek van het AL: geen splinter in het huidige tijdsgewricht die in iemands oog prikt, ontkomt eraan genoemd en aan de kaak gesteld te worden.  En dat is meteen de zwakste plek in dit verder zo originele boek.

Niet het enthousiasme waarmee de auteur de lezer die spiegel voorhoudt:  wat als wij mensen dieren waren, en het dier een mens, zou dat ons niet vreselijk schokken? Ja, dat schokt ons, maar zeg nu zelf, doen die dieren het op hun beurt zoveel beter dan wij? Dat beest met zijn pyjamaatje en zijn internet. Met zijn terrarium met een mens erin en zijn eetkamer, kommetjes, borden en bestek. Die dieren zijn gewoon net zo gek als wij!

Hoe loopt het af met de familie Ankker? Helemaal aan het eind, als al eerder beschreven kwallen inderdaad ‘het stokje’ blijken te hebben overgenomen, geeft de auteur de informatie vrij dat vader Osiris over meerdere armen beschikt, en zijn door kwallensteken verlamde dochter uit haar gevangenis bevrijdt met behulp van zijn zuignappen.  Het is niet duidelijk waarheen de familie vlucht, al heeft Osiris op blz. 202 een mogelijke schuilplek bedacht: ‘de diepste krochten van de oceaan.  Zouden die nog vrij zijn?’

Ik hoop het voor hem. Maar zal hij het daar wel redden, zonder zijn geliefde borrel, algencrackers, melk, zeewiersalade en eko-vlees?

Wij, de lezers, zien vader en dochter in de verte verdwijnen, maar niet lang meer, want onze zuurstof raakt op.... Hoe moeten we nu te weten komen of de Israelische en Palestijnse kwallen eindelijk vrede zullen sluiten?

December 2014
E.Th.Termeer

woensdag, december 17, 2014

O denneboom

Wat is het moeilijk voor zo'n klein jochie om die alomtegenwoordige Sinterklaasliedjes weer van het repertoire af te moeten halen. Hoorden we hem één dag tevoren nog vanuit zijn bed Hoor de wind waait dohoor de bomen zingen, vandaag heeft hij met behulp van een CD met kerstliedjes eindelijk weer wat andere input. En zie, er wordt al druk geoefend, op zang én op de fijne begeleiding!
 

En voor Er is een kindeke... wordt al weer flink uitgepakt!


dinsdag, december 16, 2014

Weer wat muziek


“A New Joy” - Kerstconcerten Vocaal Ensemble Lingua-e-Musica op 20 en 21 december 2014
Het Vocaal Ensemble Lingua-e-Musica brengt een afwisselend kerstprogramma  met liederen uit  Nederland, Vlaanderen en Oost-Europa. Op het programma staat muziek van J.P. Sweelinck, volksmelodieën die bewerkt zijn tot koorwerken uit Oekraïne en Rusland, van Stetsenko, Yatsynevich en Leontovich en de Russische componisten Rachmaninoff en Kastalsky. Als een rode draad door het programma klinken uit de Gouden Eeuw de ‘cantiones natalitiae’, meer of minder bekende meerstemmige kerstliederen.
Lingua-e-Musica werkt in dit kerstconcert samen met Hilde Cortese (sopraan), Nick Pouls (Viola da Gamba), Sjef Streukens (orgel) en Goedele Moons (blokfluit). De concerten vinden plaats op zaterdag 20 december om 20.30 uur in de St. Gerlachuskerk in Houthem-St Gerlach en op zondag 21 december om 16 uur  in de  kerk van Sint  Pieter-Boven in Maastricht.

Betoog vóór de hemel

De volgende tekst heeft Lisa zelf geschreven in opdracht van het schoolvak Drama. De volgende opdracht is dat ze dit samen met twee vriendinnen ten tonele brengt. Ze gaan dat binnenkort doen, voorzien van muziek, waarbij ze zelf de begeleiding (gitaar) op zich neemt. Hiervan zal geen beeldmateriaal verschijnen (laat staan op internet!), maar ik mocht wel deze tekst hier op de blog plaatsen. Dankjewel, Lisa!

 
Lisa Bevers, A4A, 23-10-14, Drama.
Betoog vóór de hemel

De volgende scène speelt zich af bij de hemelpoort. De advocaat Hendrick van Rijn is verongelukt, doordat er een vloedgolf over de kust scheerde, en bevindt zich in het midden van het toneel. Van Rijn was een erg goede advocaat, daar was hij zich dan ook wel van bewust. Hij vond zichzelf een erg eerlijk, positief en knap mens. Naast hem staat Petrus de wacht te houden, die hier nog niet op moet vallen. Petrus heeft een bijrol, hij is enkel de poortwachter.

Van Rijn; wordt wakker

Petrus;  Beste, U staat hier voor de poort naar de hemel. Ik zal U oordelen om te kijken of U geschikt bent toegang te krijgen tot de hemel.

Van Rijn; kijkt verward

                Staat op; Hoe ben ik hier gekomen, ben ik dood?

Petrus;  Het spijt me om te zeggen, maar U bent overleden in een watersnood ramp, meneer van Rijn. Ik zal god er even bij vragen, U hebt een ingewikkeld verleden.

Van Rijn; verontwaardigd; Is er twijfel over mijn lot? Ik heb me mijn leven keurig gedragen en dat had ik nog langer kunnen doen als..

                God komt tussen beiden en Petrus stapt naar achteren

God; Sjiek, maar met een glimlach; Van Rijn, ik had je al verwacht..

                Stilte, god lacht, Van Rijn kijkt serieus en gespannen

God;  Ben je blij als je terug kijkt op je leven? Heb je veel bereikt, en heb je je voorbeeldig gedragen?

Van Rijn; snel; Jawel, meneer

God; rustig kijkend, neemt de tijd; Zo.. Dat heb je snel bedacht..

                Plots stem verheffend; Kwamen de zaken nooit voor familie?ja? En heb je onderdak geboden aan die zwerver die je gister nog op de hoek zag liggen? Nee, nee. U heeft zich meerdere malen laten gaan, ’s avonds als U een drankje op had, nu is dat geen schande, maar voor de daden totaal geen berouw.

Van Rijn schuifelt zenuwachtig heen en weer, maar herpakt zich en raapt moed bij een.

Van Rijn; zelfverzekerd; Ik heb altijd mijn best gedaan, zoals de meeste van mijn stand. Zelfs ik heb wel eens wat uitschieters gemaakt, maar ik heb ze recht gezet. Geen berouw, dat lost niet veel op, maar daden, en zo heb ik mijn hele leven geleefd, keurig netjes, en dan krijg ik daar longen vol water voor terug? Beloont u zo uw wel denkende mens?

God verbaast zich over dit oordeel

Van Rijn; En alle oorlog en milieu problemen die u veroorzaakt heeft, kon u daar niet wat aan doen, of had u toen even geen tijd meer om op uw kroost te passen? Wie a zegt, moet ook b zeggen, u kan niet zomaar de aarde scheppen en er vervolgens niet meer naar omkijken.

God begint te lachen (als Mwoehaha) en kijkt Petrus aan die snel verlegen mee lacht.

God; plots boos en serieus; Hoe durf jij zou tegen mij te praten!

Van Rijn; duidelijk bedaard; Als U als enige tegenargument alleen kunt opbrengen dat U nou eenmaal god bent, denk  ik niet dat U deze zaak zal winnen. Zou ik als advocaat mogen weten wat precies Uw bedoeling was van die vloedgolf van daarnet, misschien zou ik dan uw stand punt beter begrijpen, Waarom ik niet thuis hoor in de hemel snapt U wel?

God; verbaasd; Nou, als ik de wereld niet een beetje zijn gang laat gaan rijst de wereldbevolking zo snel.. Ik weet dat het misschien niet het beste tegenargument is, maar het is zo omdat het zo is. Dat U in die vloedgolf terecht bent gekomen is niet mijn volledige keuze geweest zie je..

Van Rijn; Ik begrijp het, maar ik ben het er totaal niet mee eens. Petrus, ik klaag god aan wegens roekeloos besturingsgedrag.

Petrus; staat er verbaasd naar te kijken;

                Ik zal het wetboek halen en kijken of er iets in staat over het aanklagen van god.

                Stil spel; wisselende boze, arrogante en uitdagende blikken tussen God en Van Rijn op het toneel.

Petrus komt terug met een dik boek

Petrus; neutraal; Hier staat het in. God mag, onder toestemming van de hoogste raad, god zelf, aangeklaagd worden. Mijn vraag is dus nu aan U, bent U bereid om van deze kwestie een officiële zaak te maken, of laat U deze jurist terug keren naar de aarde, om meer levens ervaring op te doen om in te zien, dat zijn commentaren misschien niet allemaal terecht zijn?

God; schamper; Humpf, nou goed dan, omdat deze dergelijk vurige betogen af kan vuren, ben ik ook niet overtuigd van zijn doodheid. Van Rijn, ik denk dat ik je over een paar jaren wel weer tegen kom, gegroet.

Van Rijn loopt vol trots zonder iets te zeggen het podium af

God; zacht en geniepig tegen Petrus; Die jongen is het waard de hemel in te komen, maar nu zijn we absoluut nog niet toe aan hem! Beide zuchten.