dinsdag, januari 23, 2007

Jurassic Park

De universiteit van Nijmegen timmert hard aan de weg. Stukje bij beetje worden de oude gebouwen weggehaald en komen er nieuwe voor in de plaats. De aanpak is simpel en slim. Er wordt een deel van de oude bebouwing neergehaald en vervolgens wordt er op die plek een hele nieuwe vleugel uit de grond gestampt alvorens men overgaat tot het volgende sloopproject.
Toen ik hier in augustus begon waren ze druk bezig met de bouw van een prachtig nieuw complex. Ik vond het bijna jammer dat ik al een baan had en niet daar aan de slag mocht. Inmiddels zijn we een paar maanden verder en is het sloopproces hervat. Als gevolg daarvan viel niet zo lang geleden tot twee keer toe de stroom uit. Binnen de universiteit, maar ook in een groot deel van Nijmegen. Mijn laptopje loopt op batterijen en gelukkig was de NS niet getroffen, dus veel last had ik daar niet van.
De laatste tijd is dat wel anders. Ik heb nu vele malen per dag een "Jurassic park ervaring". Ik weet niet of jullie die film kennen, maar er is een scene waarin twee kinderen naar een glas water kijken. Zacht klinkt in de verte een dreun, waarop het water in het glas trilt. Niet lang daarna verschijnt de eerste dinosaurus ten tonele.
In mijn geval is het glas water een kop thee en trilt niet alleen de vloeistof in mijn kopje, maar bibber ik zelf ook regelmatig van mijn stoel. Turende door een microscoop zie ik af en toe hele verrassende dingen als het beeld, door een trilling, plotseling verschuift. Regelmatig verslikt zich iemand als de dreun gelijk komt met het nemen van een slok.
De trillingen blijken veroorzaakt te worden door het grote gevaarte dat zo'n 75 meter verderop grote happen uit een oud gebouw neemt. Maar ik kan het niet helpen, ik tuur regelmatig uit het raam in de verte, op zoek naar die dinosaurus die nu toch ieder moment in beeld zou moeten verschijnen.

Stormachtig nieuws

Omdat er nog steeds geen baby is op de Oisterwijkstraat maar dat kleine beetje stormnieuws vermelden dan....
Puck vond het niet leuk! Bij het ophalen van het kinderdagverblijf (is aan de overkant van de straat) liep ze tussen Bas en mij in aan 2 handen en dat was maar goed ook. met de wind in de rug werd ze echt vooruit geblazen en waaide bijna weg! Dat was dus bijna schade.
De echte schade was 2 verschoven dakpannen en de klimop half van de schutting gewaaid. Dak van de zandbak gewaaid en een scheef gewaaide boog waar een roos tegen aan groeit. Het eerste probleem is zeer vakkundig en met halsbrekende toeren, waar ik overigens niet naar de durfde te kijken, opgelost door de heer des huizes. De klimop is gisteren door de zelfde heer des huizes en zijn vader weer aan de muur, waar op vastgegroeid was, bevestigd. Ik hoop dat het ingenieuze spanwerk het houdt. De klimop is namelijk een van de redenen waarom de muur (die onze tuin scheidt van de brandgang) blijft staan. Als je een beetje hard tegen de muur duwt dan voel je het zaakje heen en weer gaan.
De deksel vanm de zandbak ligt nu onder een grote steen en er moet wel een hele flinke storm komen wil dat gaan wegwaaien.
En dat boogje...... is niet erg. Het is lelijk en gaat in het voorjaar toch weg uit de tuin om plaats te maken voor wat meer speelruimte voor Puck en Flupke! Een ieder die interesse heeft mag zich melden!
Groet
Klaartje

Postzegels

om een nieuwe rubriek te starten:

Gevraagd: postzegels
maakt niet uit van welke waarde, welk jaar of welk land,
ik spaar alle soorten en maten,
Nederland, Singapore, Zuid-Amerika, Engeland, Australië, noem maar op,
nog steeds.

Ooit heb ik de postzegels van Opa gekregen. Die koester ik. En nog steeds probeer ik m'n verzameling langzaam maar zeker steeds groter te maken. En soms hoor ik van mensen ineens "oh, spaar je nog, ik dacht,..." vandaar dus deze advertentie, want ja, al lijkt het een kinderachtig filifilatiliïstisch iets, ik blijf trots op die verzameling niet-meerplakkende plaatjes met gerafeld randje.
Dus mocht iemand post ontvangen anders dan over de e-mail, dan zou ik graag ooit het afgescheurde stukje envelop met de postzegel erop willen hebben, wanneer je die anders toch maar weg zou gooien.
Ook namens Lisa die inmiddels ook spaart en dan weer met mij kan ruilen, bedankt!

maandag, januari 22, 2007

Be prepared

Voor de zekerheid nam ik de bus naar het station nadat ik vorige week tijdens de eerste storm, die volledig in het niet valt bij die van afgelopen donderdag, bijna vanaf de brug de IJssel in waaide. Zonder problemen meldde ik mij op de gewenste tijd op mijn werk. De dag kabbelde voort en zoals iedere dag, wierp ik in mijn pauze een snelle blik op de NS site. Inmiddels ben ik een geoefend reiziger en kan ik al 's middags van de site aflezen of ik 's avonds een voorspoedige reis zal hebben. Alle vetgedrukte, roodgekleurde waarschuwingen kwamen me tegemoet gesprongen. Veel vertragingen en uitval van treinen door de storm. Met name in het westen leek het goed mis. Een aantal van mijn collega's moet naar Utrecht. Ik voelde me een echte held, zoals ik de een na de ander waarschuwde op tijd naar huis te gaan, terwijl ik zelf op mijn post bleef. Ook Ton, die vanuit Utrecht met de trein naar Zwolle moet, riep ik rond het middaguur al op de reis naar huis te aanvaarden. Nadat de waarschuwingen ook op de radio ernstige vormen aan begonnen te nemen, besloot ik om kwart voor vier mijn spullen te pakken. Met slechts een verwaaid kapsel bereikte ik zonder enige problemen het station. Daar was de trein naar Zwolle van twee minuten voor vier nét weg. Toevallig kwam ik twee collega's tegen die beiden naar Utrecht moesten. We bespraken onze kansen vandaag nog thuis te komen en we waren het er alledrie over eens dat het voor hen moeilijk ging worden, maar dat het mij nog wel zou lukken. Ondanks dat er in Nijmegen gewaarschuwd werd dat er geen treinverkeer meer mogelijk was tussen Arnhem en Utrecht, besloten zij toch een kans te wagen en hun geluk in Arnhem te beproeven. Terwijl ze in een gereedstaande trein stapten, begaf ik me naar het perron voor de trein naar Zwolle. Ik kroop weg achter een reclamebord en zag regenvlagen en wegwaaiende mensen aan mij voorbij gaan. Maar ik stond uit de wind.
Ik zag hoe de trein naar Arnhem, waar mijn collega's in zaten, bleef staan, ik zag hoe, na 20 minuten, alle inzittenden hun spullen bij elkaar zochten en de trein weer verlieten, ik zag de reizigers met bedrukte gezichten de trap op slenteren en al die tijd stond ik, met een steeds groter aantal wachtenden om mij heen gelaten op de trein te wachten die nooit zou komen. Na een uur werd het de mensen om mij heen teveel. Er werd gemopperd, gescholden, gevloekt. Een man was verstandig genoeg om naar de vertrekhal te lopen om daar te informeren of er nog een trein naar Zwolle zou gaan. Verder durfde niemand zijn post te verlaten uit angst dat het veilige plekje uit de wind door een ander ingenomen zou worden of uit angst de trein te missen die, volgens de uitgesproken hoop van velen, door een wonder alsnog binnen zou rijden. Maar de hoop bleek ijdel. De man die dapper genoeg was te informeren naar de stand van zaken, kwam terug om zijn collega-wachtenden van zijn bevindingen op de hoogte te brengen. Het contact met het station in Utrecht, waar alle omroepberichten vandaan komen, was verloren gegaan. Al ruim een uur deed de verkeersleiding verwoede pogingen aan de wachtenden in Nijmegen door te geven dar er ook tussen Nijmegen en Arnhem geen treinverkeer meer mogelijk was. Toen wij druppelsgewijs het perron begonnen te verlaten, werd de verbinding eindelijk hersteld en pakten ook diegenen die nog steeds hoop hadden, hun tassen van de grond en begaven zich naar de overvolle stationshal.
De albert heijn to go, broodjeszaak, snackbar, free record shop en bruna deden goeie zaken, maar de beste zaken werden gedaan door de mobiele telefoon companies. Overal stonden mensen met hun telefoon aan hun oor. Geirriteerde blikken als de verbinding niet snel genoeg tot stand kwam, boos gegrom als, door overbelasting van het netwerk, het gesprek halverwege werd afgebroken. Ondanks de ontmoedigende aanblik, besloot ik ook een poging te doen met mijn mobiele telefoon een dak en bij voorkeur bed voor de nacht te regelen. Met Dirkje in Zuid-Amerika, bleef er één goede optie over: Michael en Ineke. De eerste blik op mijn mobiel leerde mij dat ik niet goed was voorbereid op deze ramp. Nog maar één streepje batterij, misschien net genoeg voor een snel gesprek. Ik zapte door mijn telefoonlijst op zoek naar de M. Maastricht, Matthijs, Meike, Muziekschool... Geen Michael. Ook de I, de T, de J, de E of de A leverden niks op. Ik was bang te weinig reserve te hebben om via Maastricht of Boxtel achter het goede nummer te komen, dus ik besloot voor de tweede beste oplossing te kiezen. Ik belde mijn "schoonvader" in Arnhem-Zuid. Die sprong, ondanks het weeralarm, onmiddellijk in zijn busje om mij op te halen. Terwijl ik in de stationshal op zijn aankomst stond te wachten, kwam ik beide collega's tegen die een poging hadden gedaan naar Arnhem te reizen. Dat was duidelijk niet gelukt. Taxi's waren eveneens niet meer te krijgen en de bussen reden nog slechts sporadisch. Ik moest ze teleurstellen wat betreft het busje dat mij op kwam halen, dat bevat slechts plaats voor een chauffeur en één passagier. Ze besloten nog een poging te wagen met de bus naar Arnhem te komen en lieten mij weer alleen.
In de verte zag ik de zilvergrijze bus mijn kant op komen. Ik wilde naar buiten lopen om hem tegemoet te gaan, maar ik werd tegen gehouden door beveiligingspersoneel. Niemand mocht het stationsplein op: rondvliegend puin. Inderdaad had ik af en toe wat voorbij zien komen, maar het leek niet levensbedreigend. Na wat soebatten mocht ik het plein op, op eigen risico. Als een ware Mario Brother rende ik, obstakels ontwijkend, dwars het stationsplein over, op weg naar mijn persoonlijke taxi. De man die dacht dat de vriendelijke chauffeur van deze bus voor hem stopte, was ik gelukkig net voor.
Op weg naar Arhnem-Zuid vertrouwde ik volledig op de stuurmanskunsten van mijn schoonvader. Met een jarenlange ervaring als vrachtwagenchauffeur leek hij mij de aangewezen persoon mij veilig thuis te brengen. Vakkundig ontweek hij vallende bomen, stuurde hij dwars door windvlagen en leek hij totaal geen last te hebben van de verblindende regen. Aangekomen bij het huis, haalde hij zelfs nog een paraplu tevoorschijn om mij droog binnen te krijgen. Vervolgens stapte hij opnieuw in zijn auto om voor ons drieën pizza te gaan halen, aangezien de pizza-jongens niet meer bezorgden. Nadat we gegeten hadden, ging hij naar buiten om de schotel vast te zetten met zandzakken, zodat wij knus televisie konden kijken.
Na een winderige nacht, waarbij de wind vooral buiten woedde, kwam ik om half 7 naar beneden. Normaal gesproken heb ik dan een reis van twee uur voor de boeg, maar in dit geval zat schoonvader al te wachten met de autosleutels in de hand. De treinen tussen Arnhem en Nijmegen zouden om 7 uur weer gaan rijden, maar hij zou me wel even naar mijn werk brengen. Twee uur eerder dan normaal kwam ik het lab in en kon ik mijn stormavonturen vertellen aan collega's die op hun fietsje naar hun huis in Nijmegen geploeterd waren en kon ik opbieden tegen de collega's die net als ik de trein hadden proberen te nemen. De twee lotgenoten op het station hadden eveneens de nacht doorgebracht bij hun schoonouders die in Bemmel en Duiven woonden.
Aangezien Ton in Utrecht gestrand was en ons nieuwe huis alleen de storm had moeten doorstaan, besloot ik bijtijds naar huis te gaan om de schade op te nemen. Die bleek reuze mee te vallen. Slechts een omgevallen kliko en een uit het netje gewaaid vetbolletje. Geen onoverkomelijke schade, aangezien de kliko leeg was en er nog geen enkele vogel in onze tuin gesignaleerd is.
Mijn les in deze? Zorg dat de batterij van je mobiel altijd opgeladen is. Zorg dat het telefoonnummer van je dichtstbijzijnde familielid in je telefoon geprogrammeerd staat. En bovenal, zorg voor voldoende afval, zodat de kliko niet om kan waaien.

Een kort gesprekje met de buurman leerde ons dat onze stormschade toch iets groter was dan gedacht. Toen hij op vrijdagochtend uit de nachtdienst kwam, werd zijn weg door het achteromgangetje versperd door een kliko, onze kliko.

zaterdag, januari 20, 2007

Hallo allemaal,

Na maanden eindelijk weer eens aangelogd. Eerst een upgrade van de blogger. Help - wat was ook al weer het passwoord - ik word gek van al die usernames en passwords die je tegenwoordig OVERAL voor nodig hebt, zou handig zijn als we overal dezelfde konden gebruiken! Zoiets als de DigiD voor de overheid. Enfin, dan opnieuw mijn weg zoeken - hoe werkte dat ook alweer? En dan eindelijk wat van de blog gelezen. Tja, het was natuurlijk verjaardagen tijd, sinterklaas, kerst, nieuwjaar, storm, en zo verder. Allemaal een goed excuus om niet up-to-date te blijven. Maar na het lezen van een aantal stukjes beken ik eerlijk te zijn gestopt. Er zitten vast nog leuke stukjes tussen, maar ik heb al teveel achterstand. Ik probeerde wel te filteren - e.g., teveel filosofische diepgang is blijkbaar niet goed voor mij, dus die stukjes sloeg ik al heel snel over (sorry J en E), maar ik kwam ook al snel bij stukjes die intussen verjaard waren. Figuurlijk, maar ook zeker letterlijk, het is immers alweer 2007 :-) ...

Zo bekijkend zie ik dat er maar een paar familieleden (niet meer dan 10) de boel volschrijven en dus waarschijnlijk ook lezen. Ondanks dat ik elke dag voor mijn werk heel veel computer, ben ik niet iemand die veel op internet rond surft. Ik lees liever de krant of een boek ipv nog meer aan de computer hangen. Mogelijk meer familieleden. Maar ik vind het welk leuk om een beetje bij te blijven en de stukjes dan ook wat regelmatiger te lezen. Misschien elke ochtend even de blog checken? Maar dan moet ik al reminders voor mezelf gaan zetten (anders vergeet ik het sowieso) die ik dan vervolgens geheid wegklik zonder te kijken ('ik heb nu even geen tijd, doe ik morgen wel'). Dat wordt dus niets, ik ken mezelf... Hoe doen jullie dat toch? Graag advies!


PS: A3n, ik heb nu ook netjes opgegeven welke dagen we niet kunnen voor het familiefeest. Zie de comments op je stukje daarover.


PS2: Een label toekennen, mmmm, wat moet je aan een stukje als dit toekennen? Heb het dan maar onder Nieuws gezet, want een label 'Onzin' zat er niet tussen!

STORM

wat? nog steeds geen stormopschepverhalen?
zal ik dan maar beginnen?
Hier is een verslag van de storm op het Essche Heike: geen dakpannen weg (we hebben er ook geen!), de lege vuilnisbak is geen centimeter van zijn plek, alle boompjes staan er nog, de nutteloze tv antenne is niet geknakt, geen wateroverlast, geen stroom uitgevallen, er kwam af en toe een trein voorbij, de schotelantenne bleef gewoon gericht op de satelliet aan de andere kant van de wind, er viel geen boom op de auto, de boom was een dag tevoren verwijderd, weetjewel. Ik had 's nachts wel oordopjes in, omdat de slaapkamerdeur wat klepperde. Dus sliep ik de volgende ochtend door de wekker heen en toen was de storm voorbij.
nou jullie!

woensdag, januari 17, 2007

Overname(n) (reactie op Stoa)

ik was The Masterbrain.

De oorsprong van die naam kwam van Descartes' homunculus begrip. Een homunculus is een identiteit in je hoofd die het voor het zeggen heeft in je lichaam en bewustzijn. Een soort kleine zelfstandigheid in je hersens. De vraag wie het dan in die homunculus voor het zeggen heeft ontwijkt Descartes gemakshalve. Er dreigt namelijk een gevaarlijke recursie: in mijn brein zit een brein, daarin zit een brein, daarin zit een brein, etc. Leidt dit dan tot een soort meta-brein? Een meester voor al die gecapsuleerde breinen? Eureka, een naam: The Masterbrain.

Later schreef ik als R-Ego. R-Ego was gewoon Er-Ik, de Er is een uitgesproken r en Ik in Latijn is Ego. Dus het was een soort vertaling van mijn naam albeit half Latijn. Alter ego en R-Ego zijn al te hetzelfde. Voldoende diepgang dus.

Na R-Ego gebruikte ik Erique. Dit idee kwam van vriend, die mijn naam steevast met que schreef. Die que klinkt als we en veel van mijn schrijven is semi schizofreen materiaal, dus was de term erik-we wel toepasselijk. En het was nog steeds mijn naam.

Tegenwoordig is het TweeWo. Ook dit komt rechtstreeks uit Er en Ik. Het woord er in Chinees is twee in het Nederlands en ik vertaalt in Chinees naar wo. In een soort dubbele kruisvertaling:

Er Ik (Chinees - Nederlands)

Twee Wo (Nederlands - Chinees)

TweeWo is dus Erik is dus twee-ik (Nederlands - Nederlands). We zijn dus met z'n tweetjes. Diep genoeg.

Ik heb nog heel wat namen op schap: stommerik en slimmerik, meneerik, computerik etc. Hoezo onzin? Heerlijk!

Gisteren vond ik een nieuwe. Als je Erik weer opsplitst in Er en Ik, dan zou je de Ik kunnen zien als een verwijzing naar mezelf. Op naar een formule.

ik = erik => er“ik” = er“erik” (lees: ik ben erik, dus erik is ererik)

Dat kan nog een keer. Er volgt al snel dat ik = erik = ererik = erererik = ererererik = ...

Wooah, mijn naam is recursief! Hey, bedankt Mam! We kunnen die erererer... lezen als een soort oneindig product. We hebben dan:

ik = erik = er.ik = er.er.ik = er.er.er.ik = ... = er.er.er...er.ik = (er)∞ik

Voor de mensen die het niet weten, ∞ is het universele symbool voor oneindig, dus (er)∞ is er tot de macht oneindig. Nog één stapje. Vertaal de “(er)” even naar de uitgesproken “(r)”. Als ik (r) typ op mijn toetsenbord, dan verschijnt er automatisch een ®. Dat komt mooi uit. We hebben nu een kracht formule:

ik = erik = ®∞ik

Prachtig. Al die ®en zijn natuurlijk mijn Recursief oneindig aantal breinen (Descartes' homunculus komen de set weer op). Dat verklaart de ®∞. En die ik? Hoera, een herhaal verhaal:

ik was The Masterbrain.

Stoa

Voor het geval niet iedereen comments op comments op comments op stukjes leest en schrijft (zoals Jeroen en ik), nog even de klassikale uitleg van TLTZTwww, hetgeen natuurlijk staat voor Te Land, te Zee, te WWW (oftewel te WorldWideWeb)! Of was het altijd TeR Land, Ter Zee en Termeer?

Dan nu een vraag in het kader van onze eigen TLTZTM Stoa: aan TweeWoo, of aan ieder ander die deze vraag meent te kunnen beantwoorden:

Waarom heet TweeWoo eigenlijk TweeWoo?

Een aanzet: TweeWoo heeft eigenlijk bedoeld zichzelf TwoWo te noemen, wat vrij vertaald/opgevat zou kunnen staan voor: Two Worlds, als in: Europa en Azie.

complete jaargang

Jullie weten het misschien niet, maar ik bewaarde sinds we online zijn, ALLE ingezonden stukjes met de bedoeling daar nog eenmaal een papieren krantje van te maken, zo rond de familiedag in juni of juli. (kunnen jullie overigens even doorgeven op welke zaterdagen in juni/juli jullie ZEKER WEL kunnen?) Intussen heb ik voldoende kopij voor een complete jaargang! Tltztm heeft een enorme opbloei beleefd, fantastisch gewoon, mijn redacteursdip is helemaal over! Ik zou graag al eerder een papieren exemplaar willen maken, ook omdat opap een heleboel mist, hij gaat echt niet achter de computer zitten om alles te lezen. Vooraf een vraagje: van welke stukjes wil je NIET dat ze op papier verschijnen? Uiteraard laat ik de discussies over hoe in te loggen weg, (en mijn eigen gezeur dat ik alleen anonianimus kan commenten) Heb ik over een week nog niks gehoord, dan maak ik iets voor opap z'n verjaardag volgende week vrijdag, 26/1. Hij houdt receptie op zondag 28/1 van 15.00 - 17.00 uur. Groetjes, A3

But sir, there's no milk in a milkshake!

Lady: Welcome to Mc Donalds!
Erik: Hi, can I have a milkshake, please?
Lady: Sorry, our milkshake machine is out of order today.
Erik: Oh, in that case I'll have just a milk. I'll shake it myself, heheh...
Lady: (looks uncertain) Hmmm... ?
Erik: Oh... Sorry... Joke, you see... Your machine can't shake milk, so I'll have a milk and shake it myself. I still end up with shaken milk: a milkshake. Hahaha (fake laugh, knowing it isn't funny anymore)
Lady: (slightly upset) But sir, there's no milk in a milkshake!
Erik: (clears throat)
(silence)
Lady: Yes?
Erik: Eh... ... A milk, please?
Lady: (gets a small packet of milk) would you like any fries to go with that?
Erik: Huh? Oh, no thanks (pays)
Lady: (under her breath, but still audable) Weirdo...
Lady: (to the next customer) Welcome to Mc Donalds!

dinsdag, januari 16, 2007

Vergeetachtig

Morgen, 17 januari, is Toon jarig. Ik moet dat vandaag een paar keer tegen mezelf zeggen, want ik ben zijn verjaardag al twee keer vergeten. Drie jaar geleden waren we al lang en breed op en aan het ontbijten toen mijn blik ineens op de datum op het melkpak viel. Dat was heel lullig feliciteren zo ineens. Twee jaar geleden maakte ik het nog bonter. Het was meen ik al halverwege de middag toen het me te binnen schoot. Ik heb hem daar veel plezier mee bezorgd. Vorig jaar had ik de avond tevoren een briefje klaargelegd bij de theepot, maar het feliciteren was daardoor wel een stuk minder spontaan.
Hoe doen jullie dat toch? Ik weet nooit welke datum het is als ik opsta. Maar het gekke is: mijn eigen verjaardag weet ik altijd precies. Hoe zou dat toch komen?

zomaar

ik heb even een gaatje tussendoor. Per 1 februari begint mijn nieuwe functie. Tot die tijd willen ze me niet een nieuwe klus geven, omdat ik dan waarschijnlijk na 1 februari daar nog mee bezig ben, dus mag ik het doen met zo nu en dan een klein opdrachtje. Zo mag ik eind deze week of begin volgende week weer ergens twee of drie weilandjes controleren. Nu worden de kaarten ervoor uitgeprint. Die ga ik zometeen ophalen en bekijken.

maar nu heb ik dus dit gaatje tussendoor.

Ik had een paar filosofische stukjes geschreven op een eigen blog. Zo kon ik ook meteen oefenen met het bloggen. Maar ik wil helemaal geen eigen blog meer. Wel wil ik graag filosoferen met wie dat nog meer wil. Dus heb ik mijn zooi hier op gezet. Sorry, dat zijn weer heel wat omwentelingen op de wc-rol om bij het eerstvolgende stukje van iemand anders (A3n) te komen. Hopelijk nemen jullie me dat niet kwalijk.

Ik ga mijn geprinte kaartmateriaal halen. Succes iedereen met zijn werk!
En ook alle anderen met hun vrije tijd!
En sterkte Klaartje met de laatste loodjes!

Evolutie

Evolutie slaat op alles. Of je het nu ontwikkeling noemt of evolutie, dat maakt niks uit.

Vanaf het beginste begin en al die tijd tot nu toe én verder: alles is in ontwikkeling, waarbij voortdurend nieuwe vormen ontstaan en ofwel verdwijnen/vervallen ofwel blijven bestaan of zelfs voortgezet of vermeerderd worden.

Dit speelt overduidelijk bij dier- en plantsoorten, waar zowel de soorten en hun veranderingen te onderscheiden zijn als hun omgevingsfactoren waardoor nieuwe veranderingen/aanpassingen al dan niet in stand gehouden worden. Maar dit speelt evengoed op het niveau van meer en minder stabiele molekulen en zelfs atomen. Geen wonder dat leven ooit van daaruit is ontstaan.

Voor een goed begrip, evolutie speelt zelfs op hele andere vlakken. Waarom werken we nu bijna allemaal met Windows? Waarom houden sommige filosofieën wel stand en andere niet? Waarom zien huidige auto's eruit zoals ze nu zijn? Noem maar op.

Grootheden

Naar mijn idee zijn er twee soorten grootheden: bestaande en beschrijvende.

Bestaande grootheden
Bestaande grootheden zijn grootheden die overeenkomen met de werkelijk bestaande basale of elementaire fenomenen. Massa en Energie zijn bijvoorbeeld bestaande grootheden.

Bechrijvende grootheden
Beschrijvende grootheden zijn grootheden die enkel de secundaire toestand van de fenomenen beschrijven. Lengte, Hoogte en Breedte, maar ook bijvoorbeeld Gewicht zijn bijvoorbeeld beschrijvende grootheden. Ze beschrijven hoe bestaande grootheden ten opzichte van elkaar liggen. Ze bestaan niet echt als afzonderlijke grootheid, maar ze beschrijven de toestand/locatie/situatie van bestaande grootheden.

Verkeer zou opgevat kunnen worden als beschrijvende grootheid. Het beschrijft hoezeer de toestand op de weg is. Verkeer wordt echter soms uitgedrukt in de zinsnede "er is veel verkeer op de weg". In dat geval wordt letterlijk bedoeld, dat het druk is op de weg met auto's. Hoeveelheid (Hoeveelheid auto's) zou dan een betere grootheid zijn. Een bestaande grootheid in dit geval.

Volgens mij zijn beschrijvende grootheden altijd relatieve begrippen. Ze beschrijven iets ten opzichte van iets anders of ten opzichte van een nulpunt.

Het is belangrijk bij filosoferen over grootheden, te beseffen om wat voor grootheid het gaat. Dit blijkt in discussies over Tijd of over Randomness. Beide zijn overigens geen bestaande maar beschrijvende grootheden.

Ik zou eens de BINAS erop na moeten slaan om te kijken welke grootheden nu werkelijk bestaande en welke beschrijvende grootheden zijn.

Tijd

Het moeilijke van het bevatten van tijd ligt voor een deel in het feit dat tijd een relatief begrip is. Het wordt waargenomen, maar bestaat het wel? Het lijkt te bewegen van vroeg naar laat, chronologisch, maar is dat wel zo? Is dat niet ook subjectief? Vragen als "is tijd eindig of is tijd oneindig?" en "wanneer is tijd ooit begonnen en wat was daarvoor dan?" of "wanneer houdt de tijd op en wat komt daarna dan?" Deze vragen prikkelen de nieuwsgierigheid.

Stel de tijd staat stil. Tijd is geen op zich zelf staande grootheid, maar een verwoording van de zogenoemde vierde dimensie.
Lengte, breedte, hoogte vertegenwoordigen samen de ruimte die derde dimensie genoemd wordt. Ruimte op moment A en één moment later op moment B is zogezegd de vierde dimensie, oftewel Ruimte in het tijdsbestek A-B.

Waarom zou ruimte een beperking hebben en eindig zijn? Diezelfde vraag kan dan ook gesteld worden voor de tijd.

Toch, stel dat tijd een begin en een einde heeft. Stel dat er simpelweg op een eerste moment voor het eerst materie was in een volledige ledigheid. Vanaf dat moment waren er dus ineens vier dimensies. Wanneer er een ruimte is, is er tijd. Maar was er voordat er ruimte was ook al tijd?

Als Tijd een lineaal is, waarlangs wij gewoon zijn chronologisch te bewegen. Als wij afstand nemen van wat wij gewoon vinden, dan is die lineaal toch niet meer dan een verzameling naast elkaar gelegde momenten in de tijd? Naast elkaar gelegde (verschillende) toestanden van de derde dimensie. Het is dan even normaal om chronologisch over deze momenten heen te bewegen, als in tegenovergestelde richting. Het is theoretisch ook helemaal niet moeilijk van de lineaal af te wijken (vijfde dimensie?) en op een willekeurig punt in de 'geschiedenis' terug te komen.

Mijn gevoel zegt dat tijd oneindig is. Want vanaf de aanwezigheid van drie dimensies die samen 'ruimte' vormen, is er sprake van tijd. Maar dat neemt toch niet weg dat de tijd daarvóór niet ook al aanwezig was?
Nee, als Tijd en als de Eerste Dimensie en de Tweede Dimensie en als de Derde Dimensie grootheden zijn, zoals Massa en Energie, dan zijn deze als 'element' zélf aanwezig. Maar het zijn grootheden die slechts als 'beschrijving' bestaan. Als het ware beschrijvende grootheden. Twee vormen van Massa kunnen als Materie naast elkaar liggen en zodoende een lijn vormen. Dit is te beschrijven als een lijn en dus als de eerste dimensie. Verplaatsing van een elektron (bewegend punt) door een ruimte rondom een neutronenkern (vast punt in de ruimte), beschrijft zowel drie dimensies als tijd! Energie is aanwezig. Massa is aanwezig. Tijd en Ruimte worden beschreven.

Zo kom ik tot de conclusie:
Er bestaan Grootheden voor aanwezige elementen. En er bestaan 'beschrijvende' grootheden. Lengte, Breedte, Hoogte en de daarmee samenhangende dimensies zijn beschrijvende grootheden. Tijd is een beschrijvende grootheid voor de zo te noemen vierde dimensie.
Of tijd eindig is of oneindig is het meest geschikte antwoord: tijd bestaat helemaal niet. Tijd wordt beschreven van begin tot eind.

Waarmee ik tot het slot gekomen ben. Vragen als "hoe begon Alles?", "hoe zal Alles eindigen?" of "is er wel een begin of einde?" zijn legitieme vragen, maar hebben betrekking op massa en energie. Niet op tijd.

een stuk of één

Silke, vriendinnetje van Lisa: "Mijn neefje is een stuk of één en kan al lopen."

Nieuws - Winsum

Wat een Kerstdagen! Wat een start van het nieuwe jaar! Maar nu hebben we het ergste weer achter de rug.
Mocht iemand ooit in een ziekenhuis terechtkomen om wat voor reden dan ook: blijf alert. Hoe aardig alle medewerkers ook zijn, de overdracht van gegevens leidde tot af en toe schokkende anekdotes. Van het tien keer moeten zeggen waar de pijn zit (zelfs vijf minuten vóór de operatie), tot het toedienen van een klisma bij een kamergenote, terwijl het bedoeld was voor de patiënte op een andere kamer. "Ja, maar ik heb hier ook maar een nummer staan," was het verweer van de verpleegster. En zelfs werd een toxisch pijnbestrijdend middel bij een patiënte toegediend dat beslist niet een te hoge dosis mocht zijn. Even later komt een andere verpleegster binnen om hetzelfde te doen.
"Dat hebben jullie al gedaan."
"Nee hoor, mevrouw, dit is iets heel sterks."
"Jawel."
"Nee hoor."
Bij toch maar even navragen bleek patiënte gelijk te hebben.
Blijf altijd alert!

over het labelen

beste allemaal en a3n,
de stukjes die we schrijven worden gelabeld, zodat we met het aanklikken van een label gemakkelijk stukjes terug kunnen vinden. Het labelen is eenvoudig en niet onbelangrijk. Wanneer je niet een label aan een stukje hangt, zie je op het scherm een lijst met labels, waarin jouw stukje tekst dan niet is ondergebracht en op die manier (via labels dus) niet is terug te vinden. Dat vind ik zelf jammer.
"Jamaar, er bestaat geen label voor het soort tekst dat ik heb gemaakt?" hoor ik sommigen al denken. Maar het is handig om een bestaande label te kiezen en dus eentje die zoveel mogelijk bij je tekst past. Maar als er echt geen goeie is, kun je door zelf in te typen gewoon een nieuw label creëren. Zo is er nog geen Van de Straat, maar ieder van ons kan de eerste daarmee zijn. Of wat te denken van Piektes van Zetra. Maken we die niet meer?
Succes.

Als het niet lukt, laat TweeWo of jeroen maar weten, dan kunnen we altijd helpen. Al hebben we het ontzettend druk op ons werk aan twee kanten van de wereld, we vinden altijd wel een gaatje.

En (mg) ja, soms is het nodig om minderinteressante teksten zoals deze, 'over de website', wel gewoon hier te plaatsen. Maar we weten ook wel dat dat er steeds minder zullen worden, naarmate iedereen er steeds meer aan gewend geraakt is.

Boom Twee

Jarenlang was hij mijn trouwe vriend, die prachtige eikenboom die ik vanaf mijn bureau boven kon aanschouwen. Hij bracht inspiratie als ik een proefwerk in mekaar moest zetten, of een stukje voor tltztm; bij het luisteren naar muziek of gewoon bij het denken, want dat doe ik ook weleens, gaf hij een schitterende achtergrond, in alle jaargetijden, vooral in de herfst was hij heel heel mooi.
Hij was een van de drie bomen die dankzij Michael behouden zijn gebleven. Bijna een halve eeuw geleden, was de Gasunie op eigen houtje (!) begonnen aan het rooien van de bomen, er waren er al twee om toen Mike, ongeveer 14 jaar oud, met woeste kreten naar buiten stormde en met wijdgespreide armen de volgende boom beschermde. Intussen belde een ander familielid naar het gemeentehuis om te vragen of dat wel kon. Er was geen vergunning voor afgegeven, de Gasunie moest onmiddellijk stoppen met kappen. Langs een omweg is het hen gelukt om toch hun zin te krijgen, want vanochtend heeft de grootste van de drie, mijn grote vriend dus, het loodje moeten leggen. De aanleg van een gasbuis een aantal jaren geleden had zijn wortels zodanig beschadigd, dat hij een gevaar vormde voor het gebouw van de Gasunie (dat overigens leeg staat!)
Ik heb boven vanachter het raam zitten rouwen, iedere keer als een tak naar beneden kukelde sprong mijn hart een beetje op en neer. Het huis ook, trouwens, die takken waren zware jongens! Nu is er een heel groot gat in mijn uitzicht. In plaats van boom heb ik nu de schoorstenen op het dak van de Gasunie. Ach, ik hoef toch geen proefwerken meer te maken!
Wel kan ik Emma en Miguel precies vertellen hoe zo'n boom om moet: Je hebt nodig: Een hoogwerker, met twee hoogwerkende mannen erin, twee kleine vrachtwagentjes, eentje voor de boomstammen, eentje voor het verkeersregelend materiaal. En een wagen waar een hakselaar aan vast zit voor de takken. JE BEGINT BOVENIN DE BOOM, da's heel belangrijk. Oordoppen en een masker zijn onmisbaar, en je hebt een paar electrische zagen nodig. En sterke mannen om de boel op te rapen. Ik heb van een van de sterke mannen een schijfje gekregen van een dikke tak. Die leg ik op mijn bureau, voor als ik toch nog eens inspiratie nodig heb, of gewoon een beetje wil gaan denken.

maandag, januari 15, 2007

Muizenissen

Sommige mensen hebben een muis als huisdier, sommigen gaan nog een stapje verder en nemen een rat. Het zijn geen dieren die ik graag in huis zou willen, het liefst zie ik ze helemaal NIET. Dat is echter niet altijd te voorkomen als je op het platteland woont, ratten hebben we gelukkig alleen verderop in de straat, die schijnen op kippenvoer af te komen, maar kippen hebben we gelukkig ook niet. Muizen echter wél, helaas. Ze komen voornamelijk in de winter het huis binnen, lekker warm, en soms ligt er wel een stukje kaas. In de vallen uiteraard, maar er was tot voor kort geen enkele muis die het na kon vertellen en zijn broers en zusters kon waarschuwen. Ik vouwde dan val met dode muis in de krant die er al onder lag, bundelde het in een plastic tas en gaf het dan aan opap die de val openmaakte en de muis weggooide. De val ging vervolgens in de vaatwasser en deed daarna weer dienst voor de volgende indringer.
Totdat een muisje in de keuken half in de val terecht kwam, zichzelf eruit wist te halen en versuft in de keuken bleef zitten, het staartje om zich heen gekruld. Het zag er zo zielig uit dat de tranen me in de ogen sprongen. Hij bleef daar maar zitten, na die vreselijke ervaring, en dus kon ik urenlang de keuken niet in. Uiteindelijk is hij toch verdwenen, maar ik ben daarna in de dierenwinkel (waar ze dus ook vallen en vergif verkopen om dieren te doden!) een speciale val gaan kopen waar de muis in kan, maar er niet meer uit. Terwijl hij wacht op de bevrijding kan hij lekker dat stukje kaas of worst opeten. Ik loop ermee naar de overkant van de straat (tegenover de buren, uiteraard) en laat hem dan vrij. Soms moet ik zelfs een beetje schudden voordat hij de vrijheid kiest! Zo'n val werkt natuurlijk alleen op een plek waar je dagelijks komt. Voor de zolder koos ik toch maar voor de gewone, dodelijke vallen. Om half twee in de morgen hoorde ik de val dichtklappen. Daarna heb ik niet meer geslapen, want de muis zat dan wel gevangen, hij was duidelijk niet dood. De hele nacht, de hele ochtend liep ik telkens naar boven om te horen of het intussen stil was op de zolder. Ik smeekte de muizengod om zijn zoon uit zijn lijden te verlossen, maar die was misschien ook net in een val gelopen en niet aanspreekbaar. Edouard en Marleen kwamen op de thee, en Edouard was flinker dan ik. Hij ging op de zolder kijken en meldde dat hij noch val noch muis zag. Toen durfde ik ook over de rand van de zolder te kijken. Blijkbaar was de muis een stukje verderop in een gat tussen twee planken gevallen en daar kon Edouard niet bij. Kort daarna hebben we hem niet meer gehoord.
Op de krant waar de val opgestaan had, lag een muizenplasje. En daarnaast een stukje kaas. Ik heb dat maar laten liggen. De volgende muis krijgt die kaas gratis en mag blijven leven.